Allereerst dank voor de vragen, ik zal ze proberen te antwoorden.
- In dit vers valt "den wind" inderdaad op, en toegegeven is daar hier geen reden voor. Maar als u vers 1 erbij pakt moet daar i.v.m. het passend maken van de tekst vaak gebruikt worden gemaakt van bijvoorbeeld "der" i.p.v. "van de". Om dit consistent te doen heb ik ervoor gekozen om "den" neer te zetten, maar u heeft volkomen gelijk dat deze zin er geen verdere aanleiding toe geeft. Zoals al eerder gezegd ben ik niet opgegroeid met de SV, dus sprake van nostalgie zit er bij mij niet zo in. "Welks" heb 'k gekozen omdat er maar één lettergreep 'over' was, waardoor welks goed uitkwam. "Zoals" betekent inderdaad hetzelfde, maar vind het metrisch niet mooier klinken. Dat kan trouwens aan mij liggen hoor.

Ook speelt - als ik heel eerlijk ben - hierin ook de berijming van 1773 mee, die soms een m.i. mooie(re) bewoording gebruikt dan anderen.
-Ik snap wat u bedoelt, maar de zin over het blad is m.i. niet anders op rijm te zetten. Het idee is dat de bladeren neerbukken (het woord verslappen legt het volgens mij goed uit) door een tekort aan water of leven. Dat ze gaan hangen. Maar dit is toegegeven wel een erg poëtische manier om dit beeld weer te geven. Tja, van 't land is inderdaad volledig erbij verzonnen, maar wat de andere berijmingen als oplossing voorstellen is ook niet bepaald Bijbelgetrouwer. Ik lijk trouwens veel van m'n keuzes te verdedigen, maar weet dat ik uw opmerkingen in m'n overwegingen opneem.
- Dat klopt, daar kwam ik helaas ook al achter. Ik heb bij het derde vers voorlopig een gapend gat van maarliefst twee hele zinnen.

Maar het kan natuurlijk wel, misschien kan ik dan wat uitwijden over de bladeren, zoals de andere berijmingen. Ik ga hier zo direct naar kijken, gezien ik zin één en twee van vers drie niet lekker kon laten lopen. Hopelijk leent het metrum van drie en vier me meer ruimte. Dit is een goede! Daarnaast is het eigenlijk jammer dat deze verzen uit zes zinnen bestaan, waardoor je aan drie eigenlijk teveel hebt maar een derde vers ook niet kan halveren. U hoort een dezer dagen weer waar ik op ben gekomen.
Vriendelijke groeten,