De zondaar uit Lukas 15:7

*(Persoonlijk) geloof in het dagelijks leven*
Om te kunnen posten in dit forum is lidmaatschap van een gebruikersgroep (leden Religie-fora) nodig.
Als je instemt met de voorwaarden krijg je direct toegang.
Klik hier voor meer info en het aanvragen van postrecht
(Off topic en niet-serieuze postings worden verwijderd)

Moderators: henkie, elbert, Moderafo's

Gebruikersavatar
Jesaja40
Kapitein
Kapitein
Berichten: 774
Lid geworden op: 27 jun 2017 10:38
Locatie: Het Gooi

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor Jesaja40 » 19 dec 2019 19:28

De Lange citeert:

Om hierop terug te komen. De schriftgeleerde vroeg wie zijn naaste is. Jezus vraagt na het verhaal wie de naaste van het slachtoffer is. Het was de schriftgeleerde duidelijk dat Jezus hem ais slachtoffer van de duivel beschouwd en dat degene die hem helpt zijn naaste is. Dat zegt twee dingen.
Ten eerste dat deze schriftgeleerde moest inzien dat hij niet door de priester en de leviet geholpen kon worden, wat ook staat voor de wet en de profeten. Die kunnen je niet helpen. Ten tweede dat Jezus alleen hem kan helpen (barmhartige Samaritaan staat voor Jezus uit Samaria) en ten derde draait het de zaak om.
Namelijk, degene die jou helpt is de naaste. Dus wordt dat de vraag, voor wie ben jij een naaste? Vandaar dat Jezus zei: "doet gij dan even zo"
Verder brengt de Samaritaan het slachtoffer bij de Herberg, dat is Gods gemeente en geeft de herbergier twee munten. Dat wil zeggen: God lief hebben boven alles en je naaste als je zelf. Vervolgens zegt de Samaritaan: "zorg voor hem totdat Ik terugkom." Dit slaat op de taak van de gemeente, tot de wederkomst van Jezus.

Dit is de uitleg van de eerste kerkvaders.



Oeps, dat is een vreemde uitleg die de “eerste kerkvaders” formuleren.
Die "kerkvaders" trekken het uit de context en geven daar een invulling aan die onjuist is.


De aanleiding voor het uitspreken van deze gelijkenis is cruciaal en mag daar nimmer van losgekoppeld worden. Vele gesprekken heeft Yeshua met de leiders van mijn volksgenoten in die dagen. We wetgeleerde komt naar Yeshua toe met de vraag: rabbi wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven? Dan komt direct de tegenvraag: wat is er in de wet geschreven? Hoe lees jij? Het “hoe lees jij” is in het Joodse begrip gewoon: op welk niveau heb jij bereikt? Ken je de wet vanuit de theorie of ben je doorkneed in de schriften en weet je de letter en geest van de wet toe te passen? Een uitstekende wedervraag die in de Joodse wereld als normaal wordt gezien. En ja, de wetgeleerde komt met het ultieme antwoord, de kern van de Thora citeert hij als antwoord. De wetgeleerde weet dat zijn antwoord goed is en toont daarmee aan dat hij het principe kent. Heel gebruikelijk stelt de wetgeleerde de tegenvraag: wie is mijn naaste?

Dan komt het antwoord van Yeshua in de vorm van een gelijkenis. Yeshua weet dat een groot gedeelte van het toenmalige Israël overlopen wordt met vreemdelingen. Hun eigen geestelijke leiders zijn vazallen geworden van de Romeinen die zich zeer vijandig gedragen en hun de vrijheid ontnemen. Er is een duidelijke tweedeling in Israël: zij die behoren tot de mispoche (familie) en de gojim (vreemdelingen).

In Zijn wijsheid schetst Yeshua het volgende tafereel: een zekere man daalde af van Jeruzalem richting Jericho. De wetgeleerde heeft onmiddellijk door: deze man maakt “een omtrekkende beweging”, maar ja dat was toch een normale handeling in die dagen. De woorden van Yeshua gaan door: de afdalende man wordt onderweg met geweld van zijn rijkdom beroofd en ligt daar bloedend in de hete zon. De wetgeleerde weet dat de Thora heel duidelijk is en dat de gewonde geholpen moest worden.
Maar er komt redding: de gewonde man hoort dit aan de naderende voetstappen. Straks zal hij overeind geholpen worden en hopelijk wat te drinken krijgen. De naderende persoon is te herkennen aan zijn priesterkleding. Hij zal dus door goede handen verzorgd worden. Aandachtig luistert de wetgeleerde en allen die daarom heen staan. Zij verwachten eigenlijk dat de gewonde man geholpen zal worden. Kijk eens naar het gezicht van de wetgeleerde als Yeshua daarbij doorgaat: die priester gaat met een boog aan de overkant voorbij. Herkent hij iets van die omtrekkende beweging? Ik denk dat de wetgeleerde het gedrag van die priester probeert te analyseren als reactie: waarom doet die priester dat?

Yeshua kent het hart van zijn hoorders en spitst het verder toe. De teleurgestelde man blijft nog steeds onverzorgd achter. Zijn hoop op redding zakt in. Niet veel later komt er een tweede kans op een redding. Er komt een Leviet dichterbij, die zal zich zeker ontfermen over de gewonde man. Opnieuw kijk ik naar de reactie van de omstanders: De Leviet passeert met een grote boog de gewonde man. Hoe kan dat nou? De Levieten hebben toch een dienden taak in Israël en dan in het bijzonder de priesters onder hen. Onbegrip over deze houding tekent zich af op de toehoorders. Ook de wetgeleerde merkt: geen van beide steekt zijn hand uit naar zijn naaste die daar op de grond ligt. Is die naaste die daar op de grond ligt misschien kort daarvoor nog in of bij de tempel geweest. Gelet op de inleiding van de woorden van Yeshua is dat zeer aannemelijk. Ook deze gewonde man heeft die omtrekkende beweging heel bewust gedaan. Door die houding van alle drie laat ten diepste zien hoe men de naaste binnen hun eigen grondgebied minder vindt dan zichzelf.

De gelijkenis gaat verder. Voor de derde keer klinken er voetstappen. Aan de kleding kan je zien dat dit een persoon is die tot de gojim behoort. Aan zijn kleed geen franjeachtige draden met hemelsblauwe wol. U weet toch wel dat -die franjeachtige draden- heenwijst naar het houden van alle geboden van de Thora. Bij de goj, die nadert, ontbreekt dit en daar heeft Israël geen affiniteit mee. Deze goj is een Samaritaan en gelijk een ingezetene van het land. De groep vreemdelingen die er wel zijn, maar eigenlijk vanwege hun vreemdelingschap niet voor vol worden aangezien in Israël. Uitgerekend een Samaritaan is het die aan de kant van de weg een zoon van Israël ziet liggen. Ach, die man moet worden geholpen en snel handelt deze Samaritaan.

Hoe kijkt de wetgeleerde naar dit voorval? Hij weet exact wat er in Numeri 15:16 staat over de vreemdeling. Ook Deuteronomium 10:19 is zeer scherp en beslist niet onbekend. Ieder jaar wordt deze tekst gelezen en onder de aandacht gebracht. De taak van de Levieten was: onderwijs te geven in Israël. Ook de priesters hadden een taak ten opzichte van de vreemdelingen. De wetgeleerde kent ook de woorden in 2 Kronieken 6:32-33. Als het dan toch om kennis gaat zal de wetgeleerde moeten toegeven: er is heel veel scheef in Israël.

De drie mannen die hier genoemd worden daalden af naar Jericho. Dat houdt dus in dat zij niet opgaan naar Jeruzalem maar de omgekeerde weg bewandelen naar huis toe. Even (met een grote boog dus) om het land van de Samaritanen heen. Via de overzijde van de Jordaan naar Galilea te reizen. Nee, zij willen niets te maken hebben met die groep die niet bij hen past. Waren dat alleen die drie mannen? Het gehele volk handelde zo om ver weg te blijven van de vreemdelingen.
Yeshua schetst met Zijn gelijkenis de kromheid en ook de krampachtigheid die er was onder mijn volksgenoten. Hij stelt door middel van de gelijkenis deze misstand aan de orde. De aanleiding tot deze gelijkenis is: wie is mijn naaste? De inkleuring van de vreemdeling is zeer bijzonder. Ook dat weet de wetgeleerde haarfijn af te leiden uit de woorden van Jesaja 14:1.

We kennen allemaal hoe de Samaritaan de gewonde man liefdevol opneemt en hem brengt bij een herberg. Die Samaritaan hanteert geen hokjesgeest maar loopt heel rustig door Israël heen als een vreemdeling. Ook dit prikt bij mijn volksgenoten die de boel welbewust ontlopen. Wie houdt zich hier aan de wet? Kent de wetgeleerde dan niet Psalm 102:14 en ziet hij dan niet in dat de tijd van ontferming is aangebroken door de komst van de Messias.

Ineens worden de woorden van Yeshua duidelijk als Hij de wetgeleerde aanspreekt: hoe leest u? Op welk niveau zit u en hoe past u uw parate kennis toe. Verstaat u de schriften en ziet u dat levensgroot voor u? Of is het nog verborgen voor u en is er een bedekking waardoor u dit nog niet ziet. Het niveau is niet belerend, maar ontdekkend om daarnaar te handelen en de geboden in acht te nemen voor wie "werkelijk mijn naaste is".

Wat bewijst deze Samaritaan aan de gewonde man? In eerste plaats ontferming en verzorging. Maar ook de nazorg en de controle op die zorg ontgaat hem niet. Handelen jullie Huis van Israël ook zo van de vreemdeling? Of is het zo dat de vreemdeling en zijn handelen jullie de ogen zal openen.

Deze gelijkenis was bestemd voor die tijd, ik noemde het al eerder. Wat is de les daarin? Handelen wij door alle eeuwen heen net als de Samaritaan? Hij heeft nooit echt bestaan maar zijn omschrijving geldt de Samaritaan als een voorbeeld hoe wij om moeten gaan.

Hoe vaak gaan wij niet met een grote boog heen om de vreemdeling, die in onze straat woont?
Ik kreeg niets waar ik om vroeg. Ik kreeg alles wat ik nodig had.

Vera888
Mineur
Mineur
Berichten: 169
Lid geworden op: 23 sep 2018 12:39

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor Vera888 » 19 dec 2019 21:29

Jesaja40 schreef:Johan100 citeert:

Net als Vera888 ben ik van mening: zie ik mijzelf als een zondaar en wat doe ik daar aan om recht voor de Eeuwige komen te staan.


Het schaap zal vast wel geblaat, hebben, Jesaja.

Roep Yeshua aan, net zo lang tot Hij zich ook over jou ontfermt.
Hij maakt je niet verlangend om recht voor God te kunnen staan, als Hij ook al niet van plan is om je, op je gebed, op Zijn tijd in Zijn sterke armen te nemen. Daar ben je dan veilig, zolang je leeft hier op aarde, als je sterft of verandert bij Zijn terugkeer, en voor eeuwig in Gods nieuwe, heerlijke schepping.
Er is maar één waarheid. :roll:

Gebruikersavatar
irmo
Kapitein
Kapitein
Berichten: 1062
Lid geworden op: 23 aug 2012 19:05
Locatie: Granada, Spanje

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor irmo » 19 dec 2019 23:34

Jesaja40 schreef:
Oeps, dat is een vreemde uitleg die de “eerste kerkvaders” formuleren.
Die "kerkvaders" trekken het uit de context en geven daar een invulling aan die onjuist is.


De aanleiding voor het uitspreken van deze gelijkenis is cruciaal en mag daar nimmer van losgekoppeld worden. Vele gesprekken heeft Yeshua met de leiders van mijn volksgenoten in die dagen. We wetgeleerde komt naar Yeshua toe met de vraag: rabbi wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven? Dan komt direct de tegenvraag: wat is er in de wet geschreven? Hoe lees jij? Het “hoe lees jij” is in het Joodse begrip gewoon: op welk niveau heb jij bereikt? Ken je de wet vanuit de theorie of ben je doorkneed in de schriften en weet je de letter en geest van de wet toe te passen? Een uitstekende wedervraag die in de Joodse wereld als normaal wordt gezien. En ja, de wetgeleerde komt met het ultieme antwoord, de kern van de Thora citeert hij als antwoord. De wetgeleerde weet dat zijn antwoord goed is en toont daarmee aan dat hij het principe kent. Heel gebruikelijk stelt de wetgeleerde de tegenvraag: wie is mijn naaste?

Dan komt het antwoord van Yeshua in de vorm van een gelijkenis. Yeshua weet dat een groot gedeelte van het toenmalige Israël overlopen wordt met vreemdelingen. Hun eigen geestelijke leiders zijn vazallen geworden van de Romeinen die zich zeer vijandig gedragen en hun de vrijheid ontnemen. Er is een duidelijke tweedeling in Israël: zij die behoren tot de mispoche (familie) en de gojim (vreemdelingen).

In Zijn wijsheid schetst Yeshua het volgende tafereel: een zekere man daalde af van Jeruzalem richting Jericho. De wetgeleerde heeft onmiddellijk door: deze man maakt “een omtrekkende beweging”, maar ja dat was toch een normale handeling in die dagen. De woorden van Yeshua gaan door: de afdalende man wordt onderweg met geweld van zijn rijkdom beroofd en ligt daar bloedend in de hete zon. De wetgeleerde weet dat de Thora heel duidelijk is en dat de gewonde geholpen moest worden.
Maar er komt redding: de gewonde man hoort dit aan de naderende voetstappen. Straks zal hij overeind geholpen worden en hopelijk wat te drinken krijgen. De naderende persoon is te herkennen aan zijn priesterkleding. Hij zal dus door goede handen verzorgd worden. Aandachtig luistert de wetgeleerde en allen die daarom heen staan. Zij verwachten eigenlijk dat de gewonde man geholpen zal worden. Kijk eens naar het gezicht van de wetgeleerde als Yeshua daarbij doorgaat: die priester gaat met een boog aan de overkant voorbij. Herkent hij iets van die omtrekkende beweging? Ik denk dat de wetgeleerde het gedrag van die priester probeert te analyseren als reactie: waarom doet die priester dat?

Yeshua kent het hart van zijn hoorders en spitst het verder toe. De teleurgestelde man blijft nog steeds onverzorgd achter. Zijn hoop op redding zakt in. Niet veel later komt er een tweede kans op een redding. Er komt een Leviet dichterbij, die zal zich zeker ontfermen over de gewonde man. Opnieuw kijk ik naar de reactie van de omstanders: De Leviet passeert met een grote boog de gewonde man. Hoe kan dat nou? De Levieten hebben toch een dienden taak in Israël en dan in het bijzonder de priesters onder hen. Onbegrip over deze houding tekent zich af op de toehoorders. Ook de wetgeleerde merkt: geen van beide steekt zijn hand uit naar zijn naaste die daar op de grond ligt. Is die naaste die daar op de grond ligt misschien kort daarvoor nog in of bij de tempel geweest. Gelet op de inleiding van de woorden van Yeshua is dat zeer aannemelijk. Ook deze gewonde man heeft die omtrekkende beweging heel bewust gedaan. Door die houding van alle drie laat ten diepste zien hoe men de naaste binnen hun eigen grondgebied minder vindt dan zichzelf.

De gelijkenis gaat verder. Voor de derde keer klinken er voetstappen. Aan de kleding kan je zien dat dit een persoon is die tot de gojim behoort. Aan zijn kleed geen franjeachtige draden met hemelsblauwe wol. U weet toch wel dat -die franjeachtige draden- heenwijst naar het houden van alle geboden van de Thora. Bij de goj, die nadert, ontbreekt dit en daar heeft Israël geen affiniteit mee. Deze goj is een Samaritaan en gelijk een ingezetene van het land. De groep vreemdelingen die er wel zijn, maar eigenlijk vanwege hun vreemdelingschap niet voor vol worden aangezien in Israël. Uitgerekend een Samaritaan is het die aan de kant van de weg een zoon van Israël ziet liggen. Ach, die man moet worden geholpen en snel handelt deze Samaritaan.

Hoe kijkt de wetgeleerde naar dit voorval? Hij weet exact wat er in Numeri 15:16 staat over de vreemdeling. Ook Deuteronomium 10:19 is zeer scherp en beslist niet onbekend. Ieder jaar wordt deze tekst gelezen en onder de aandacht gebracht. De taak van de Levieten was: onderwijs te geven in Israël. Ook de priesters hadden een taak ten opzichte van de vreemdelingen. De wetgeleerde kent ook de woorden in 2 Kronieken 6:32-33. Als het dan toch om kennis gaat zal de wetgeleerde moeten toegeven: er is heel veel scheef in Israël.

De drie mannen die hier genoemd worden daalden af naar Jericho. Dat houdt dus in dat zij niet opgaan naar Jeruzalem maar de omgekeerde weg bewandelen naar huis toe. Even (met een grote boog dus) om het land van de Samaritanen heen. Via de overzijde van de Jordaan naar Galilea te reizen. Nee, zij willen niets te maken hebben met die groep die niet bij hen past. Waren dat alleen die drie mannen? Het gehele volk handelde zo om ver weg te blijven van de vreemdelingen.
Yeshua schetst met Zijn gelijkenis de kromheid en ook de krampachtigheid die er was onder mijn volksgenoten. Hij stelt door middel van de gelijkenis deze misstand aan de orde. De aanleiding tot deze gelijkenis is: wie is mijn naaste? De inkleuring van de vreemdeling is zeer bijzonder. Ook dat weet de wetgeleerde haarfijn af te leiden uit de woorden van Jesaja 14:1.

We kennen allemaal hoe de Samaritaan de gewonde man liefdevol opneemt en hem brengt bij een herberg. Die Samaritaan hanteert geen hokjesgeest maar loopt heel rustig door Israël heen als een vreemdeling. Ook dit prikt bij mijn volksgenoten die de boel welbewust ontlopen. Wie houdt zich hier aan de wet? Kent de wetgeleerde dan niet Psalm 102:14 en ziet hij dan niet in dat de tijd van ontferming is aangebroken door de komst van de Messias.

Ineens worden de woorden van Yeshua duidelijk als Hij de wetgeleerde aanspreekt: hoe leest u? Op welk niveau zit u en hoe past u uw parate kennis toe. Verstaat u de schriften en ziet u dat levensgroot voor u? Of is het nog verborgen voor u en is er een bedekking waardoor u dit nog niet ziet. Het niveau is niet belerend, maar ontdekkend om daarnaar te handelen en de geboden in acht te nemen voor wie "werkelijk mijn naaste is".

Wat bewijst deze Samaritaan aan de gewonde man? In eerste plaats ontferming en verzorging. Maar ook de nazorg en de controle op die zorg ontgaat hem niet. Handelen jullie Huis van Israël ook zo van de vreemdeling? Of is het zo dat de vreemdeling en zijn handelen jullie de ogen zal openen.

Deze gelijkenis was bestemd voor die tijd, ik noemde het al eerder. Wat is de les daarin? Handelen wij door alle eeuwen heen net als de Samaritaan? Hij heeft nooit echt bestaan maar zijn omschrijving geldt de Samaritaan als een voorbeeld hoe wij om moeten gaan.

Hoe vaak gaan wij niet met een grote boog heen om de vreemdeling, die in onze straat woont?



Wat een prachtige uitleg |Jesaja, dankjewel. Met genoegen gelezen!

DeLange
Kapitein
Kapitein
Berichten: 1402
Lid geworden op: 07 jul 2015 13:13

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor DeLange » 27 dec 2019 21:34

DeLange schreef:Er zijn heel wat mensen die de gemeente los laten en op een dwaalspoor terecht komen. Ik denk dat het nog niet eens hoeft te betekenen dat ze zijn gestopt met naar de kerk gaan, want ik ken ook mensen die ondanks dat ze niet naar de kerk gaan, toch het geloof goed weten vast te houden. Maar toch zijn er onder veel kerkverlaters ook veel mensen die dat deden, omdat ze Jezus nog niet hebben gevonden. Ze zaten bij ons vanwege een opvoeding die christelijk is, maar onder de verlokkingen van de wereld zijn ze afgedreven. Jezus zoekt deze verlorenen op. Dit gold ook onder de joden waar Hij het tegen had. Vele joden vonden door Hem het contact met God en kwamen bij Hem thuis.

Ik zit me te bedenken dat je ze ook gewoon in de kerk hebt zitten. Ze eren God men hun lippen, maar... Ze zijn verstrikt geraakt in zonden.

Zelf heb ik het idee dat letterlijk hele kerken "compleet" Jezus verliezen en dat God opnieuw de zijnen roept. Puur uit genade, omdat werkelijk iedereen afgedwaald was, verdiende niemand het.
Hij verlangt naar een hechte Vader kind relatie met jou

Vera888
Mineur
Mineur
Berichten: 169
Lid geworden op: 23 sep 2018 12:39

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor Vera888 » 30 dec 2019 13:21

DeLange schreef:Zelf heb ik het idee dat letterlijk hele kerken "compleet" Jezus verliezen en dat God opnieuw de zijnen roept. Puur uit genade, omdat werkelijk iedereen afgedwaald was, verdiende niemand het.


Dat gevoel is bij mij langzamerhand tot zekerheid gegroeid, DeLange. Het is te erg voor woorden. Niet alleen houdt men heel de gemeente van Jezus af, maar ook worden zij die in Hem geloven scherp veroordeeld. Elke keer weer als ik iets uit de refo-hoek hoor of lees, verbaas ik me erover hoe anti-Christelijk ze zijn. En ze hebben het zelf niet in de gaten of willen het niet zien. Dan dank ik inderdaad God voor Zijn genade, dat Hij mij uit deze leugenleer heeft gehaald!
Er is maar één waarheid. :roll:

Gebruikersavatar
Jesaja40
Kapitein
Kapitein
Berichten: 774
Lid geworden op: 27 jun 2017 10:38
Locatie: Het Gooi

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor Jesaja40 » 30 dec 2019 14:04

Vera888 merkt op:

Niet alleen houdt men heel de gemeente van Jezus af, maar ook worden zij die in Hem geloven scherp veroordeeld. Elke keer weer als ik iets uit de refo-hoek hoor of lees, verbaas ik me erover hoe anti-Christelijk ze zijn. En ze hebben het zelf niet in de gaten of willen het niet zien. Dan dank ik inderdaad God voor Zijn genade, dat Hij mij uit deze leugenleer heeft gehaald!


Ik herken dat helemaal Vera.
Blijkbaar is het zondaarschap een must voor gelovigen en propageert je hoe slecht je wel bent. Een "aangemeten" status waarin je in gevangen zit. Och kon het nog maar eens gebeuren dat men bekeerd wordt zie ik als een pleister op de "aangemeten" status. Waar is de trekkende liefde en genade van Yeshua nog te horen? De verkondiging is meer naar de mens en zijn leer dan tot eer van de Heer.

In Psalm 142:8 leren wij dat onze ziel bevrijd dient te worden uit de gevangenis die anderen ons opleggen en voorhouden.
Ik kreeg niets waar ik om vroeg. Ik kreeg alles wat ik nodig had.

DeLange
Kapitein
Kapitein
Berichten: 1402
Lid geworden op: 07 jul 2015 13:13

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor DeLange » 30 dec 2019 22:53

Vera888 schreef:Dat gevoel is bij mij langzamerhand tot zekerheid gegroeid, DeLange. Het is te erg voor woorden. Niet alleen houdt men heel de gemeente van Jezus af, maar ook worden zij die in Hem geloven scherp veroordeeld. Elke keer weer als ik iets uit de refo-hoek hoor of lees, verbaas ik me erover hoe anti-Christelijk ze zijn. En ze hebben het zelf niet in de gaten of willen het niet zien. Dan dank ik inderdaad God voor Zijn genade, dat Hij mij uit deze leugenleer heeft gehaald!

Eerlijk gezegd zat ik aan de (synodaal) gereformeerde kerk te denken, waar ik uit kom. Jongeren die massaal niet meer geloven in de wonderen die Jezus deed, denken dat het symbolisch is en ook niet meer in de duivel geloven, ten slotte de kerk verlaten en er steeds meer New Age gedachtes op na houden.
Dan voel ik me ook machteloos en teleurgesteld.
Maar wat jij schetst is ook heel ernstig. Mensen praten elkaar zo naar beneden, letterlijk :(
Hij verlangt naar een hechte Vader kind relatie met jou

Gebruikersavatar
MoesTuin
Generaal
Generaal
Berichten: 4030
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: De zondaar uit Lukas 15:7

Berichtdoor MoesTuin » 31 dec 2019 09:48

In elke gemeente waar Jezus Christus en Zijn Verlossingswerk centraal staat is het goed te zijn.

Op veel plekken verdwijnt dit ( dat kan een linkse kerk zijn een midden kerk, een rechtse kerk zoals mensen dat weleens zo benoemen)

Voor de Heer niets zeggend al die door mensen verzonnen namen regeltjes enz....

Heel duidelijk zegt God : daar waar twee of meer mensen in Mijn Naam vergaderd zijn, daar ben Ik aanwezig....
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"


Terug naar “[Religie] - Geloof & Leven”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast