Het beroepingswerk: verborgen raadsel of een roeping tot een geloofsantwoord?

Om te kunnen posten in dit forum is lidmaatschap van een gebruikersgroep (leden Religie-fora) nodig.
Klik hier voor meer info en het aanvragen van postrecht

Moderators: elbert, henkie, Moderafo's

Samuel1448
Verkenner
Verkenner
Berichten: 3
Lid geworden op: 01 mar 2017 19:01

Het beroepingswerk: verborgen raadsel of een roeping tot een geloofsantwoord?

Berichtdoor Samuel1448 » 27 jul 2026 22:24

Beste medeforummers,

Onlangs had ik met een gemeentelid een stevige discussie over de praktijk van het beroepingswerk, en ik ben benieuwd hoe hier op het forum over gedacht wordt.

In een deel van de reformatorische kerken zien we vaak dat pas beroepbaar geworden predikanten soms wel tientallen beroepen tegelijk krijgen. Maar ook in bredere zin geldt voor de volle breedte van de gezindte dat de gemiddelde predikant (veel) meer beroepen moet afwijzen dan dat er aangenomen kunnen worden. De persoon waar ik mee in gesprek was stelde: de dominee moet na zo'n beroep veel in de Bijbel lezen en bidden, en wachten op een bevestiging (bijvoorbeeld door een tekst die 'openvalt') om te weten welk beroep écht van God is en welke beroepen 'mensenwerk' waren.

Ik merk trouwens dat veel predikanten dit zelf precies zo beleven. Als je de kerkbode leest rondom een aangenomen of afgewezen beroep, zie je heel vaak dat dominees hun keuze verantwoorden door te wijzen op een specifieke Bijbeltekst die uiteindelijk de doorslag gaf.

Ik merk dat ik daar theologisch op vastloop. We belijden toch dat de kerk het lichaam van Christus is (1 Kor. 12:27)?

En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder.


Christus roept in de regel door een wettige vergadering van gelovigen heen. Als iemand wettig door de kerk geroepen is, is hij daarmee door God Zelf geroepen (NGB, art. 31).

Wij geloven dat de dienaars des Woords Gods, ouderlingen en diakenen tot hun ambten behoren verkoren te worden door wettige verkiezing der Kerk, met aanroeping van den Naam Gods en goede orde, gelijk het Woord Gods leert. Zo moet zich dan een iegelijk wel wachten door onbehoorlijke middelen zich in te dringen, maar is schuldig den tijd te verwachten dat hij van God beroepen wordt, opdat hij getuigenis hebbe van zijn beroeping, om van haar verzekerd en gewis te zijn dat zij van den Heere is.


Anders gezegd: álle wettig uitgebrachte beroepen zijn 'van den Heere'. Zo wordt dit ook letterlijk gesteld in het klassieke bevestigingsformulier om de dienaars des woords te bevestigen:

En eerstelijk vraag ik u, of gij gevoelt in uw hart dat gij wettiglijk van Gods gemeente, en mitsdien van God Zelven, tot dezen heiligen dienst geroepen zijt.


Als we er echter vanuit gaan dat een dominee moet wachten op een innerlijke bevestiging 'van boven' of tekst om de 'juiste' keuze te ontcijferen, dan maken we van Gods leiding een soort verborgen raadsel met maar één goede uitkomst. En erger: dan degraderen we het biddend zoeken van alle roepende gemeenten waarvoor bedankt wordt 'mensenwerk'.

Ik moest in die discussie denken aan de context van de komst van het Koninkrijk in Markus 1 (Mark. 1:15):

14 En nadat Johannes overgeleverd was, kwam Jezus in Galilea, predikende het Evangelie van het Koninkrijk Gods.
15 En zeggende: De tijd is vervuld, en het Koninkrijk Gods nabij gekomen; bekeert u, en gelooft het Evangelie.


Theoloog prof. dr. George van Kooten stelt hierbij dat bekeren (vanuit het Griekse woord metanoia) hier geen uitgewerkte orde des heils behelst, maar een actieve oproep om je vanuit het geloof ergens toe te verhouden. Jezus vult het 'hoe' en 'wat' namelijk niet verder dogmatisch in. De oproep is juist heel open: verhoud je tot het Koninkrijk vanuit het geloof. Maak een heroverweging van je leven in het licht van het Koninkrijk. Eigenlijk kun je hierin de roeping tot het ambt van alle gelovigen in lezen (zie ook HC zon. 12, v.&a. 32). Het gaat immers over jezelf overgeven ('mijzelf tot een levend dankoffer Hem offere') en veranderd worden in je denken ('met een vrije en goede consciëntie in dit leven tegen de zonde en den duivel strijde')

Zou dat ook niet voor het specifieke ambt en het beroepingswerk gelden? Moeten we een beroep misschien minder zien als een dwingend bevel waaronder slechts één geheim, goddelijk goedgekeurd antwoord ligt? En meer als een vraag van Christus via de gemeente, die de predikant uitnodigt om een verantwoord geloofsantwoord te geven? Oftewel: Mogen we ieder wettig beroep zien als een goddelijke roeping die vraagt om een geloofsantwoord? Waarbij zowel 'ja' als 'nee' dan een legitiem antwoord kan zijn, gebaseerd op een biddende weging van gaven, gezondheid en de nood van een gemeente?

Ik ben benieuwd naar jullie visie:

Doen we biddende kerkenraden (en de ambtelijke weg) niet tekort als we ongewenste beroepen achteraf als 'mensenwerk' bestempelen?

En zoeken we (en predikanten zelf!) niet vaak krampachtig naar zekerheid in een tekst, omdat we de verantwoordelijkheid en de ruimte van een open geloofsantwoord eigenlijk best eng vinden?

Ik hoor graag hoe jullie dit zien!

Gebruikersavatar
Pcrtje
Majoor
Majoor
Berichten: 2022
Lid geworden op: 14 mei 2012 15:48

Re: Het beroepingswerk: verborgen raadsel of een roeping tot een geloofsantwoord?

Berichtdoor Pcrtje » 28 jul 2026 09:56

Samuel1448 schreef:Ik merk trouwens dat veel predikanten dit zelf precies zo beleven. Als je de kerkbode leest rondom een aangenomen of afgewezen beroep, zie je heel vaak dat dominees hun keuze verantwoorden door te wijzen op een specifieke Bijbeltekst die uiteindelijk de doorslag gaf.
Dat is gewoon bevestigingsvooroordeel (confirmation bias) of rationalisatie achteraf.
"Een libelle zweeft over het water..."

Gebruikersavatar
Marnix
Maarschalk
Maarschalk
Berichten: 24765
Lid geworden op: 03 dec 2002 23:50

Re: Het beroepingswerk: verborgen raadsel of een roeping tot een geloofsantwoord?

Berichtdoor Marnix » 02 aug 2026 15:20

Samuel1448 schreef:Beste medeforummers,

Onlangs had ik met een gemeentelid een stevige discussie over de praktijk van het beroepingswerk, en ik ben benieuwd hoe hier op het forum over gedacht wordt.

In een deel van de reformatorische kerken zien we vaak dat pas beroepbaar geworden predikanten soms wel tientallen beroepen tegelijk krijgen. Maar ook in bredere zin geldt voor de volle breedte van de gezindte dat de gemiddelde predikant (veel) meer beroepen moet afwijzen dan dat er aangenomen kunnen worden. De persoon waar ik mee in gesprek was stelde: de dominee moet na zo'n beroep veel in de Bijbel lezen en bidden, en wachten op een bevestiging (bijvoorbeeld door een tekst die 'openvalt') om te weten welk beroep écht van God is en welke beroepen 'mensenwerk' waren.

Ik merk trouwens dat veel predikanten dit zelf precies zo beleven. Als je de kerkbode leest rondom een aangenomen of afgewezen beroep, zie je heel vaak dat dominees hun keuze verantwoorden door te wijzen op een specifieke Bijbeltekst die uiteindelijk de doorslag gaf.

Ik merk dat ik daar theologisch op vastloop. We belijden toch dat de kerk het lichaam van Christus is (1 Kor. 12:27)?



Christus roept in de regel door een wettige vergadering van gelovigen heen. Als iemand wettig door de kerk geroepen is, is hij daarmee door God Zelf geroepen (NGB, art. 31).



Anders gezegd: álle wettig uitgebrachte beroepen zijn 'van den Heere'. Zo wordt dit ook letterlijk gesteld in het klassieke bevestigingsformulier om de dienaars des woords te bevestigen:



Als we er echter vanuit gaan dat een dominee moet wachten op een innerlijke bevestiging 'van boven' of tekst om de 'juiste' keuze te ontcijferen, dan maken we van Gods leiding een soort verborgen raadsel met maar één goede uitkomst. En erger: dan degraderen we het biddend zoeken van alle roepende gemeenten waarvoor bedankt wordt 'mensenwerk'.

Ik moest in die discussie denken aan de context van de komst van het Koninkrijk in Markus 1 (Mark. 1:15):



Theoloog prof. dr. George van Kooten stelt hierbij dat bekeren (vanuit het Griekse woord metanoia) hier geen uitgewerkte orde des heils behelst, maar een actieve oproep om je vanuit het geloof ergens toe te verhouden. Jezus vult het 'hoe' en 'wat' namelijk niet verder dogmatisch in. De oproep is juist heel open: verhoud je tot het Koninkrijk vanuit het geloof. Maak een heroverweging van je leven in het licht van het Koninkrijk. Eigenlijk kun je hierin de roeping tot het ambt van alle gelovigen in lezen (zie ook HC zon. 12, v.&a. 32). Het gaat immers over jezelf overgeven ('mijzelf tot een levend dankoffer Hem offere') en veranderd worden in je denken ('met een vrije en goede consciëntie in dit leven tegen de zonde en den duivel strijde')

Zou dat ook niet voor het specifieke ambt en het beroepingswerk gelden? Moeten we een beroep misschien minder zien als een dwingend bevel waaronder slechts één geheim, goddelijk goedgekeurd antwoord ligt? En meer als een vraag van Christus via de gemeente, die de predikant uitnodigt om een verantwoord geloofsantwoord te geven? Oftewel: Mogen we ieder wettig beroep zien als een goddelijke roeping die vraagt om een geloofsantwoord? Waarbij zowel 'ja' als 'nee' dan een legitiem antwoord kan zijn, gebaseerd op een biddende weging van gaven, gezondheid en de nood van een gemeente?

Ik ben benieuwd naar jullie visie:

Doen we biddende kerkenraden (en de ambtelijke weg) niet tekort als we ongewenste beroepen achteraf als 'mensenwerk' bestempelen?

En zoeken we (en predikanten zelf!) niet vaak krampachtig naar zekerheid in een tekst, omdat we de verantwoordelijkheid en de ruimte van een open geloofsantwoord eigenlijk best eng vinden?

Ik hoor graag hoe jullie dit zien!


Ik snap je punt totaal niet. Als veel gemeenten een predikant beroepen is dat omdat ze biddend en zoekend tot de conclusie gekomen zijn dat die predikant goed bij de gemeente is past. Vervolgens maakt een predikant zoekend en biddend een afweging. Het is onzin om dan op basis van artikel 31 te stellen dat door het beroep God zelf ook roept. Artikel 31 zegt dat over ouderlingen en diakenen maar niet over predikanten. Hoe wil je dat doen met die predikant die 10 verschillende beroepen krijgt en waarvan zijn huidige gemeente ook zegt: we willen graag dat hij blijft? Roept God hem op 11 plaatsen? Of gebeurt dat niet maar kan hij al die roepstemmen horen en God vragen op welke plek Hij Zijn dienaar in wil zetten? Dat is hoe het gaat als ik onze predikanten en oud-predikanten mag geloven. En regelmatig kwamen ze door Gods bevestiging op plaatsen uit waar ze zichzelf in eerste instantie niet zomaar zagen, maar omdat God zei: die plaats, daar wil ik je nu inzetten.

Een predikant kan die zoektocht dus neutraal ingaan en kijken waar God hem roept.
“We need leaders not in love with money but in love with justice. Not in love with publicity but in love with humanity.
― Dr. Martin Luther King, Jr.”

Gebruikersavatar
gravo
Majoor
Majoor
Berichten: 2048
Lid geworden op: 12 jan 2009 23:20

Re: Het beroepingswerk: verborgen raadsel of een roeping tot een geloofsantwoord?

Berichtdoor gravo » 03 aug 2026 08:14

Weinig predikanten en veel gemeenten die dolgraag een predikant willen. Dat is één reden voor de ophef rond het beroepen. Een tweede reden is dat predikanten binnen kringen waar het betreft altijd worden gezien als mannen van God, vast en zeker bekeerd (ook een zeldzaamheid) en dus volstrekt onaantastaar en boven alle twijfel verheven. Zij zijn de middelaars tussen God en mens en daarmee het heilige, goddelijke centrum van de gemeente. Een echt kind van God, een Dienaar van het Goddelijke Woord.

Het lastige punt in de theologie die hier bij hoort is, dat een dergelijk waar zalig gemaakt mens (lees: de dominee) dit kindschap van God genadig heeft ontvangen. Hij heeft hier zelf niets aan bijgedragen. Geen nagelschrapsel, om in de terminologie te blijven. Oftewel, het predikantschap is een goddelijke besturing en een goddelijke roeping!
Dit staat op gespannen voet met hele praktische en menselijke keuzes, waarvoor je de volle verantwoordelijkheid zelf draagt.

En dan komt er zoiets als een beroep.

De theorie (de theologie) wil dat de beslissing hier ook een goddelijke is. Dat de dominee de keuze op zijn hart gebonden krijgt en als het ware door God op een spoor wordt gezet. Dat hij er mee worstelt, dat hij zoekt en bidt naar Gods weg in dezen. Dat hij een duidelijke aanwijzing krijgt, wat hij moet doen. De dominee is immers een echt kind van God en weet Gods stem dus te vernemen.

Maar dan de praktische kant. Wat wil mijn vrouw? Hoe denken de kinderen hierover? Waar kunnen ze naar school? Welke pastorie wordt mij aangeboden? Hoe groot of klein is die gemeente eigenlijk? Wat is de ligging van de gemeente en haar voorgeschiedenis? Pas ik er wel? Wil ik wel in een grote stad of in een klein dorp? Raak ik uit beeld in het landelijke kerkverband of kom ik met deze keuze juist hogerop? Wat ga ik eigenlijk verdienen?

Kijk, dat zijn gedachtes die je niet kunt tegenhouden en elke keuze gaat ook over deze dingen. Kortom, hier ben je zelf bij en hier neem je je eigen verantwoordelijke beslissing!

Maar in de romantische kijk op beroepen (en dat is wat ik de ongezonde emotie noem) mogen deze overwegingen geen enkele rol spelen bij zo'n man van God. Hij moet, ondanks alle mogelijke praktische overwegingen, toch die ene weg van God volgen.

En dan begint de fantasie. Dan wordt aangenomen dat dit goddelijk roepen ook inderdaad zo gebeurt. Altijd ontstaan er verhalen van dezelfde strekking: de dominee heeft er erg mee geworsteld, had het er bijzonder moeilijk mee, maar kreeg toch de vrijmoedigheid om dit of dat beroep aan te nemen. Hiermee wordt alle twijfel aan het feit dat de geliefde theologie ook daadwerkelijk in de praktijk aanwezig is geweest weggenomen. We willen dat praktische zaken geen rol spelen, dan duiden we het ook zo! De theologie wordt in deze verhalen gerealiseerd.

In werkelijkheid ligt hetnatuurlijk geheel anders. Die romantische kijk is slechts een vurige wens.
De leer kan het leven namelijk niet overwinnen.

In werkelijkheid gaat het gewoon over een nuchtere afweging, waarin praktische dingen, zoals de opleiding van de kinderen of de grootte van de woning wel degelijk een cruciale rol spelen.

Die romantisering van het predikantschap is rechtstreeks te herleiden tot de gehanteerde theologie waarin slechts een enkeling zich een waarachtig kind van God mag noemen. Die krijgt vervolgens alle aandacht en zijn leven met God krijgt mythische proporties vol geromantiseerde voorstellingen.
Zo'n boven alle twijfel verheven priesterklasse is niet erg protestants. Er ontstaat zelfs een soort heiligenverering, met wonderverhalen en tekenen, met name op momenten als deze. Predikanten worden zo tot uitzonderlijke sleutelfiguren, die alle macht hebben in hemel en op aarde.

Helaas laten veel predikanten zich dit maar al te makkelijk aanleunen en gebruiken zij hun uitzonderlijke status om de sleutels van het hemelrijk die hen in deze theologie gegeven worden op kwalijke wijze te gebruiken. Want nog steeds worden zeer weinig mensen een waarachtig kind van God genoemd (de deuren worden hermetisch gesloten) en dus zullen er nog steeds heel weinig mensen tot het ambt van predikant worden toegelaten. Want ook die sleutels zijn in de handen van die spaarzaam aanwezige mannen van God.

Laten we weer iets nuchterder en praktischer worden en meer mensen toelaten tot het heil. God zit echt niet te wachten op onze voorwaarden. God wil wel, maar kennelijk is de aanwas van de gemeente, in de zin dat er meer mensen tot geloof komen, een bedreiging voor wie de toegang zo smal mogelijk wil houden.
Aan de vruchten herkent men de boom. Welnu, met zo weinig predikanten en ware gelovigen kan de boom wel heel indrukwekkend zijn (grote kerkgebouwen met drommen kerkgangers), maar als alleen de dominee het eeuwig heil deelachtig is, is de vrucht toch mager.

gravo
'Von Gott wissen wir nichts. Aber dies Nichtwissen ist Nichtwissen von Gott'
(Franz Rosenzweig, Der Stern der Erlösung)


Terug naar “[Religie] - Algemeen”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 22 gasten