Hedendaagse meditaties

*(Persoonlijk) geloof in het dagelijks leven*
Om te kunnen posten in dit forum is lidmaatschap van een gebruikersgroep (leden Religie-fora) nodig.
Als je instemt met de voorwaarden krijg je direct toegang.
Klik hier voor meer info en het aanvragen van postrecht
(Off topic en niet-serieuze postings worden verwijderd)

Moderators: henkie, elbert, Moderafo's

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 28 feb 2018 19:12

Turen naar de hemel.


Christenen kunnen het niet laten.
Zich verliezen in het berekenen van de dag van de opname van de gemeente, en van de dag van Jezus' wederkomst.
Het verzamelen van het aantal hongersnoden, aardbevingen, tsunami's, oorlogen, verschijnselen aan de hemel.
Want het is eindtijd.
Dat is niets nieuws.
De eindtijd begon toen Jezus geboren werd in Betlehem.
"In het laatst der dagen heeft God tot ons gesproken in de Zoon" (Hebreeën 1:1).
Jezus is het laatste woord aan de wereld.
Johannes schrijft in zijn brieven: "Kinderen, het is het laatste uur".
Tweeduizend jaar eindtijd.
Vele mede-gelovigen wéten Gods spoorboekje voor die laatste minuten.
Er wordt gedroomd, visioenen gezien, gerekend, openbaringen ontvangen.
Er wordt met die opname van de gemeente en met de Grote Verdrukking en met die Wederkomst gedreigd, gewaarschuwd.
En, mijn oprechte verontschuldiging, ik word misselijk van het zinnetje: "Bent u klaar?"
Ze geven mij de indruk dat ze tegen die aangekondigde tijd een kolossale schoonmaak gaan houden in hun leven, in hun relaties met anderen.
Hun huizen worden met bezemen gekeerd, het stoepje geschrobd, het onkruid gewied en dan kan het gebeuren: we zijn er klaar voor!!!
Is mijn lamp gevuld met olie?
Is het werk voor God aan kant?
Heb ik mijn witte reiskleed aan?
En dan zijn de verwachtingen totaal verschillend.
Eérst de opname van de gemeente vóórdat alle ellende over de wereld komt, dan barst de hel los op aarde over de ongelovigen en over Israël.
De Antichrist openbaart zich en neemt plaats in de herbouwde tempel in Jeruzalem.
Dan volgt de eindstrijd om Jeruzalem los.
God grijpt in.
Verslaat die volken.
Jezus komt terug op de Olijfberg en wordt koning in Jeruzalem en regeert samen met ons 1000 jaren over deze wereld.
Satan breekt nog één keer los, wordt in de poel van zwavel en vuur gegooid en eindelijk zal er vrede zijn.
Eens zat Jona op de berg bij Ninevé en zat comfortabel het eindoordeel over de inwoners van Ninevé af te wachten en had er zwaar de pest in toen de hele stad zich bekeerde en begenadigd werd.
Ik durf het hier bijna niet te zeggen.
Zou God nog alles wat in Openbaring staat, kunnen wijzigen?
Of krijgen wij er dan ook de pest in?
En die opname van de gemeente voordat hier de hel losbreekt, vind ik zo typisch Amerikaans.
Er is daar geen theologie van het lijden.
Zijn er momenteel niet ontzettend veel christenen in Noord-Korea, China, in de moslimwereld die de Grote Verdrukking meemaken?
Geestelijk tot wrakken gemaakt, gefolterd, gemarteld, doodgeslagen, onthoofd, hun kerken en kunstschatten vernield?
En wij Westerse christenen worden ongeschonden afgevoerd?
En Israël heeft heel zijn bestaan geleden, geen dag vrede, altijd bedreigd, onschuldigen worden gruwelijk vermoord.
Stop met jaartallen, maanden en dagen.
Dan komt Christus juist niet.
Plotseling is Hij er.
Ben ik een wedergeboren kind van God?
Heb ik Jezus Christus en Zijn aanbod van vergeving in geloof aangenomen?
Dan ben ik klaar.
Wat er ook komt!
Als ik sterven moet.
Als Jezus terugkomt.
Zovelen lijden.
En elke christen bidt:
"Maranatha, Heer, kom spoedig".

P Gerrets (emeritus predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 11 mar 2018 08:56

Hoe krijg ik een Genadig God?

"Want rechtvaardiging door God wordt daarin geopenbaard, uit geloof tot geloof, zoals geschreven staat: 'maar de rechtvaardige zal leven uit geloof'"
(Romeinen 1:17 Naardense Bijbel).


Met Hervormingsdag zal ons, protestanten, moeten dwingen ons te bezinnen op het wáárom.
Wáárom meende hij, Martin Luther, te moeten protesteren in 95 stellingen?
In deel 1 is uitvoerig Romeinen 1:16 aan bod gekomen. Nu Romeinen 1:17.
Eén van de vragen van Luther was: 'Hoe krijg ik een genadig God?'
En het voor álle eeuwen geldende Bijbelse antwoord is: 'God, de Schepper van de hemelen en de aarde, die Zich in het bijzonder verbond met Abraham, Izaak en Jakob, de Vader van onze Here Jezus Christus, is genadig'.
In Exodus 34:6-7 trekt de HEER aan Mozes voorbij en spreekt:
"HEER, HEER, Godheid ontfermend en genadig!- lankmoedig en overvloedig in vriendschap en trouw!-die vriendschap bewaart voor duizenden, die onrecht verdraagt, overtreding en zonde; maar ongestraft: niets laat hij ongestraft, bezoekend het onrecht van vaders aan zonen en zoons-zonen, aan derden en vierden".
Zó openbaarde God zich aan Mozes.
En in de eerste studie is nadrukkelijk aan de orde gekomen dat in de rechtszaak die God aangespannen heeft tegen de mensheid God én Rechter én Advocaat is.
Schuldeiser én Schuldvoldoener.
Dát is het onvermijdelijke kruis van Golgotha geweest.
God-mensgeworden draagt daar in onze plaats de toorn van God over al onze zonden en misdaden, sterft onze dood en overwint die en staat op om nooit meer te sterven.
En de Bijbel benadrukt, dat elke mens die zijn of haar vertrouwen stelt op dat wat Jezus voor hem of haar gedaan heeft, eeuwige vrijspraak ontvangt.
In 1:17 schrijft Paulus: 'Hoe worden wij door God gerechtvaardigd?'
Dat is een moeilijk woord.
Een rechtvaardige is een mens die God recht in de ogen kan kijken. Met opgeheven hoofd. Die wéét dat God hem of haar niet veroordelen zal. Die wéét dat zijn of haar Advocaat hem of haar zal vrijpleiten.
Maar hoe word je zo'n mens?
Heel eenvoudig.
Uit geloof.
In Romeinen 5:1 lezen we:
"Gerechtvaardigd dan uit geloof hebben wij vrede bij God door onze Heer Jezus Christus".
Hoe word ik van een vijand van God een vriend van God?
Hoe word ik van een schuldenaar aan God een schuldloze ten opzichte van God?
Er is maar één antwoord: uit geloof.
Voor velen is dit té simpel, té eenvoudig, té makkelijk.
Er moet werk van gemaakt worden en hard werk bovendien.
Genade, kwijtschelding van schuld, dáár moet je hard voor werken.
Kom op! Aan de slag met die wet van God aan Mozes gegeven. Tien Geboden en méér.
God moet genadig gemaakt worden.
Kwijtschelding van schuld moet je verdienen.
De zweep van de wet over de ruggen van de gemeenteleden.
Het vuur van de hel wordt gloeiend heet opgestookt.
Ondraaglijke lasten op de schouders van de kerkgangers gelegd.
Iedere zondag wordt het weer herhaald: jullie voldoen op geen enkele manier aan Gods rechtseis.
Sommigen gaan zover dat ze de spijswetten gaan onderhouden, de Joodse feesten vieren, de sabbat onderhouden.
Dit is mijn felle aanklacht tegen de orthodoxie: de mix van wet en genade.
Mijn felle aanklacht tegen de evangelicalen: de nadruk op wat de mens moet doen.
En gisteren mijn felle aanklacht tegen de zogenaamd moderne protestanten: dat er nooit meer over de noodzaak van redding en verzoening wordt gesproken.
We vervallen in de ketterijen die we de eeuwen door de Rooms-Katholieke Kerk verweten hebben.
Zij verdienden hun heil door goede werken.
Wij, anno 2017, verdienen het heil óók door goede werken?
Wát een klap in het gelaat van Christus!!!
Luther ontdekte wat Paulus schreef: uit geloof!!! En méér niet!!!
Alléén door ons vertrouwen te stellen op dat wat Jezus Christus voor ons en in onze plaats bewerkte in zijn lijden, sterven, begraven worden en opstanding worden wij kinderen van God.
En o wonder in Efeziërs 2:8-9 lezen we:
"Ja, vanwege de genade zijt gij mensen die gered zijn door het geloof; en dat niet dankzij uzelf: Gods gave is het; niet dankzij úw werken,- laat niemand zich daarop beroemen!"
Zelfs dat reddende geloof krijg je van God.
Elk mens staat naakt, poedelnaakt voor God. Zonder zélf-geplukt vijgenblad, zonder voorspraak van welke tot heilige verklaarde mens, zonder voorspraak van Maria de moeder van Jezus, zonder werken die wij verzet hebben, zonder wetsonderhouding, zonder dogma's, zonder theologie, zelfs zonder eigen geloof, dat ons kan redden.
Iedere zondaar en zondares ontvangt het witte kleed van reinheid uit de handen van God om Jezus' wil, gratis en voor niets. Het is geen leasekleed. Geen kleed op afbetaling. Er is ééns en voor altijd voor betaald door Jezus op Golgotha toen hij schreeuwde: 'Volbracht', dat betekent: voldaan of betaald.
En de grote vraag is nu:
'Neem je dat bruiloftskleed om Jezus' wil aan?'
Of weiger je dat kleed aan te nemen?
Paulus schrijft: uit geloof tot geloof.
Daarmee bedoelt hij het volgende:
Christen word je uit geloof, christen blijf je door geloof.
Hij citeert Habakuk 2:4.
'maar de (uit het geloof) rechtvaardige (van elke schuld vrijgesprokene) zal leven uit geloof'.
Het kenmerk van een christen (van welke denominatie hij of zij ook is) is: geloof, dat is vertrouwen op Gods beloften.
En NEE we keren na ontvangen genade niet meer terug naar de wetten die door Mozes aan de Israëlieten gegeven zijn.
Geen wetsonderhouding uit dankbaarheid.
Direct op Efeziërs 2:8-9 volgt :10
"Want zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen voor goede werken, die God heeft voorbereid opdat wij daarin zouden wandelen".
Let op: deze door God voorbereide werken staan diametraal tegenover onze eigen werken waardoor wij probeerden zalig te worden.
Een wedergeboren christen draagt vrucht, daarmee wordt bedoeld dat hij meer en meer gaat lijken op Christus.
Een wedergeboren christen krijgt van de heilige Geest opdrachten, taken die God al voorbereid heeft.
Een christelijke gemeente waar Romeinen 1:16-17 niet meer de basis is, is niet langer gemeente van Jezus Christus.

Emeritus predikant p Gerrets
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
Chaya
Generaal
Generaal
Berichten: 5366
Lid geworden op: 15 dec 2014 10:38
Locatie: Bij het water

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor Chaya » 12 mar 2018 11:02

‘Die ook voor ons bidt’ (Romeinen 8:34b).

De brief aan de Romeinen wordt wel genoemd de sleutel tot het recht verstaan van de Heilige Schrift. Immers heel de Schrift is een ware goudmijn, voor een rechte verstaander. Nu, in deze brief liggen juwelen verklaard voor de ware christen, die door God is opgezocht.

Het rechte bidden ligt verklaard in het gebed van Christus. O, zeker op de biddag heffen we onze gebeden op tot God in de hemel, om van Hem alleen alles te verwachten aangaande de tijdelijke en geestelijke en eeuwige goederen. En het is goed om samen, met onze kinderen, op te gaan onder de klanken van Gods getuigenis. Alleen in Gods huis is alles te verkrijgen. Wat een groot voorrecht om zo nog op te mogen gaan op een dag van afzondering. Om met gebed onze noden bij de Heere bekend te maken en te smeken om het ene nodige. Allen liggen we toch verloren in onze diepe val in Adam en hebben we onze rechten verspeeld. Dat ook op de biddag wij met onze kinderen daar nog bij mochten worden bepaald. Maar bovenal dat vanuit de doorleefde diepte een schreeuw werd geboren om, uit genade, nog zalig te mogen worden. Dat is toch onze eerste en belangrijkste nood ten aanzien van onze arme ziel.

Maar nu in onze tekst wordt gesproken van een Voorbidder, Die bidt voor Zijn gekochte Sion. Het zal er toch over gaan of wij in dit gebed liggen verklaard. Dit gebed alleen heeft waarde voor de tijd en zeker ook voor de eeuwigheid. In ons hoofdstuk spreekt Paulus over de grote, zalige en onnaspeurlijke rijkdommen voor de uitverkoren Kerk. Hoor, ‘Die ook voor ons bidt’, in dit gebed wordt Christus verklaard in Zijn biddend werk. Christus bidt hier eeuwig en volmaakt tot Zijn Vader voor Zijn verkregen Bruidskerk.

Christus zien we hier niet knielende; dat komt niet overeen met Zijn verheerlijkte en verheven staat. Christus bidt niet met een hoorbare stem, vanwege de grote menigte der uitverkorenen en hun gezang en talloze begeerten. Christus is hier in Zijn menselijke natuur, waarin Hij voldaan heeft. Hij laat Zijn littekenen als een bewijs aan zijn Vader zien. Zijn enig geldende offer en verdienste houdt Hij de Vader voor en herinnert Hem daaraan. ‘Want Christus is niet ingegaan in het heiligdom dat met handen gemaakt is, hetwelk is een tegenbeeld van het ware, maar in den hemel zelven, om nu te verschijnen voor het aangezicht Gods voor ons’ (Hebr. 9:24). Dan mag Christus voorbidden met recht door Zijn bloed; Hij bidt als God tot God. Alleen in Zijn offer ligt de volkomen toegang en de verklaring van Zijn uitnemende liefde tot Sion. Maar Zijn bidden is ‘voor ONS’. Dat zal de grote vraag zijn: of het ook voor mij is. Welzalig als de Heere Zijn voorbidden ook aan ons bekendmaakt door de weg des Geestes, als de Kerk wordt overtuigd van zonde, gerechtigheid en oordeel.

Dan zien we maar één ding: dat van onze zijde alles te kort is en dat we nooit meer iets aan of toe kunnen brengen aangaande het rechtvaardig oordeel. Christus' bidden zorgt ervoor dat ze niet om kunnen komen, maar dat wordt in deze stand niet gezien bij Gods Kerk. Welzalig als de Heere ruimte en ontsluiting geeft in de Ander. Maar driewerf zalig als de Heere de verlossing in Christus openbaart en Zijn bloed toepast. Maar bovenal iets laat zien van: ‘Die ook voor ons bidt.’ Het is zulk een grote weldaad om bewust begrepen te liggen in de voorbidding van Christus.

Maar elk van Gods kinderen mogen uit de vrucht der voorbidding soms al troost verkrijgen. ’Die ook voor ons bidt.’ Als zij niet meer bidden kunnen, vanwege grote zorgen, moeite, kruis en zware drukwegen. Zo menigmaal met angsten bezet in de krommingen van het leven. Hij bidt. Hij smeekt. O, welk een Voorbidder in de hemel heeft Gods kind. Dan mag hier weleens de troost worden ontvangen uit Zijn voorbidden. Biddag omdat God bidt. Welk een biddag zal het voor u zijn? We liggen in Zijn voorbidden, of we liggen daarbuiten. Vraag naar waarheid of het nog eens zulk een biddag worden mag, waar Christus Zijn voorbidding heeft, maar dan ook voor u. Om de persoonlijke troost in de biddende Christus te mogen hebben.

Ds. C. van Krimpen
Wee de mens die zich niet elke dag minstens een uur kan bezinnen over zichzelf ~ Rabbi Mosje Leib van Sasow

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 16 mar 2018 22:24

"En aan de engel van de vergadering in Laodicea, schrijf: 'zo zegt de Amen, de trouwe en waarachtige getuige, het begin van de schepping Gods: ik ken je werken: je bent noch koud, noch heet; was je maar koud of heet!- zo dan, omdat je lauw bent en noch heet noch koud, zal ik je uit mijn mond spugen; omdat je zegt: ik ben rijk en heb me rijk gemaakt en heb niets nodig én je weet niet dat je ellendig, deerniswekkend, arm en blind en naakt bent; ik raad je aan van mij te kopen goud dat in het vuur gelouterd is, om rijk te worden, en witte gewaden om je mee te kleden, opdat zo de schande van je naaktheid niet aan de dag komt, en ogenzalf om je ogen te zalven, opdat je ziet; ikzelf bestraf en kastijd al wat ik liefheb; wees dan ijverig en kom tot inkeer; zie ik sta aan de deur en ik klop; indien iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal ik bij hem binnenkomen en ik zal met hem maaltijd houden en hij met mij; wie overwint, hem zal ik geven met mij te zitten op mijn troon, zoals ook ik heb overwonnen en met mijn Vader zit op zijn troon; wie een oor heeft, hore wat de Geest tot de vergaderingen zegt!'".

(Openbaring 3:14-22 Naardense Bijbel 2014).


LAUWE VOORGANGERS, LAUWE GEMEENTELEDEN (1).

De apostel Johannes schrijft in opdracht van de verheerlijkte Jezus Christus deze brief aan de engel (dat is de boodschapper, de door God gestuurde verkondiger, de voorganger) van de vergadering (van gelovigen) in Laodicea (gelegen in Klein Azië, het huidige Turkije).
Vergadering, dat wil zeggen: de ek-klesia, de vergadering van de door God uit de wereld uitgeroepenen (:14a).

Deze brief is afkomstig van de Amen (zó zal het vast en zeker zijn), de trouwe en waarachtige getuige (Hij getuigt van wat boven in de hemel is en wat hier op aarde is, want Hij komt van de Vader, daalde af op aarde als een baby'tje en groeide op en ervoer hoe het er hier op aarde aan toeging, voerde de opdracht van de Vader uit en keerde terug.
Hij legt een eerlijk getuigenis af van wat Hij ziet en hoort).
Hij stond aan het begin van de schepping.
Ook daarvan was Hij getuige en werkte er aan mee.
Hij is immers het Woord dat alles tot stand bracht en zonder dat Woord is er niets tot stand gekomen (Johannes 1:3) (3:14b).

Let op: de brief is in de allereerste plaats geschreven aan de voorganger, de herder, de leraar, de predikant, de leider van de gemeente.
Dat is nóóit eerder zó tot mij doorgedrongen.
Eerst tot hem en dan tot de gemeente.

Ik ken je werken.
Aan dat woordje 'werken' hebben we een bloedhekel.
Maarten Luther verdroeg de brief van Jakobus niet en wilde deze brief het liefst in het haardvuur gooien.
Jakobus schrijft dat ons geloof zichtbaar wordt in onze dagelijkse handel en wandel.
Onze werken zeggen iets over ons geloof.
Paulus heeft het meer over de vrucht van ons leven met God.
Beide apostelen bedoelen hetzelfde.
In onze dagelijkse handel en wandel en in ons gedrag moét zichtbaar, tastbaar, ervaarbaar zijn hoe ons leven met God is.
De grote opwekkingsprediker Spurgeon merkte eens op, dat als wij waarachtig bekeerd zijn onze huisdieren dat zullen merken.

Dominee, wát vertelt de uitoefening van je taak over jezelf?

Gemeentelid, wát vertelt jouw dagelijkse handel en wandel over jezelf?

Over je wandel met God?

Jezus zegt: je bent niet koud, je bent niet heet.
Je bent niet totaal onverschillig, maar je bent ook niet enthousiast, gedreven.
Was je maar onverschillig, was je maar gedreven.
Je bent lauw, je bent niet te eten en niet te drinken. Ik spuug je uit.
Lauw.
In de zomer: een lauw biertje. In de winter: een beker lauwe chocolademelk.

Wat gaat er van je uit broeder-en-zuster? (3:15-16).

En nu komt het ergste!
De voorganger en de gemeenteleden leefden in de veronderstelling dat ze rijk waren, geestelijk rijk.
Paulus schrijft over de gemeente van Jezus Christus in Korinthe, dat alle gaven van de Geest er werkzaam waren.
Rijk in Christus.
Zijn wederkomst verwachtend (1 Korinthiërs 1:4-7).
Maar de brief aan hen is niet mals.
Er is veel dat niet deugt.

De gemeenteleden van Korinthe schepten tegenover elkaar op.
Ook daar verkeerden ze in de veronderstelling dat ze nu al koningen waren die met Christus regeerden (Kingdom Now).
Ze beschouwden zich rijk, verzadigd, sterk, en in ere.
Ze keken op Paulus neer.
Er was niets koninklijks aan hem.
Er was niet te zien dat Christus de overwinning had behaald.
In vergelijking met de beweringen van de gemeenteleden van Korinthe voelde Paulus en zijn medewerkers zich als ter dood veroordeelden, spelers in een slecht theaterstuk, hij ervoer dwaasheid, zwakheid.
Hij en zijn medewerkers leden honger en dorst, hadden niet eens fatsoenlijke kleding.
Zij werden mishandeld, hadden geen dak boven het hoofd, moesten keihard werken om iets te eten of drinken te kunnen kopen.
Werden belasterd, uitgescholden.
Wij zijn het uitvaagsel van de wereld.
En jullie denken dat het koninkrijk Gods al is aangebroken?
Dan waren wij in dezelfde gelukkige omstandigheden geweest als jullie.

Besef dat wat je meent te hebben, je niet hebt door eigen inspanning.
Het is jullie gegeven, het is genade, en absoluut niet door jullie inspanning verworven (1 Korinthiërs 4:5-13).

En in Laodicea eveneens.
'Wij hebben niets nodig' (Openbaring 3:17a).

Ik ken de Reformatorische wereld vrij goed én de Evangelische en Pinksterwereld.
Ik kan en mag niet generaliseren.
Op fb voel ik me enorm bevoorrecht met zoveel vrienden die theologiestudenten zijn, kandidaten, proponenten, predikanten, voorgangers, priesters.
Uit verschillende denominaties: PKN (verschillende modaliteiten), HHK, CGK, GG, Baptist, Luthers, Evangelisch, Pinkster, Rooms-Katholiek.

Maar én in Reformatorische kerken én Evangelische en Pinksterkerken leeft toch vaak de gedachte: ik ben rijk, ik heb aan niets gebrek, ik heb niets nodig.

Wij hebben de Schrift in de juiste vertaling, wij hebben onze gereformeerde belijdenisgeschriften, wij hebben onze gereformeerde orde van dienst, wij hebben de juiste psalmberijming, bij ons dragen de vrouwen en meisjes een hoed in de kerk, bij ons is de ernst voor de Heilige God, wij hebben de kinderdoop, bij ons nemen we het Heilig Avondmaal zó serieus dat er maar weinigen aangaan, er wordt bij ons veel gegeven.

Of: wij hebben de Bijbel, een vrije samenkomst, je mag komen zoals je bent, wij brengen het Evangelie, mensen komen naar voren om tot bekering te komen, de mens is verantwoordelijk de juiste keuzes te maken, onder ons is blijdschap en vreugde, de Geestesgaven werken.
Er is ruimte om te bidden of te profeteren, het Avondmaal wordt maandelijks gevierd, wij hebben geen strakke liturgie, we dopen gelovigen door onderdompeling, er wordt gebeden voor zieken, er gebeuren wonderen, je kunt een getuigenis geven, we zingen liederen uit allerlei bundels, er is een aanbiddingsleider, een muziekband.

De Reformatorische kerken bekijken de Evangelische wereld met Argusogen.
De vrijheid die men zich daar permiteert.
De Evangelische kerken bekijken de Reformatorische kerken vanuit pijn.
Veel leden kwamen uit traditionele kerken en misten daar waar ze naar verlangden en dat werd afgekeurd.

Wij zijn rijk.
Wij hebben ons verrijkt.
Wij hebben niets of niemand nodig (3:17a).

En hoe denkt Jezus daarover?
Over die zelfverzekerde voorgangers, predikanten en priesters en gemeenteleden?

'Jullie zijn:
ellendig,
deerniswekkend,
arm,
blind,
naakt'.

Dat is de diagnose van de Amen, de betrouwbare Getuige, die alles heeft voortgebracht, de verheerlijkte Christus, het Hoofd van Zijn gemeente.

Daar sta je dan dominee, priester, voorganger, gemeentelid.
Of je nu Confessioneel, Gereformeerde Bonder bent, van welke orthodox-reformatorische kerk of gemeente ook. Baptist, Vrij Evangelisch, Pinkstervogel of Rooms-Katholiek.
Je komt voor de waarheid op, je volgt een eeuwenlange traditie of niet.

Jezus stelt de diagnose.
Ellendig, deerniswekkend, arm, blind en naakt.

De realiteit van Jezus is volkomen in tegenspraak met onze belijdenis: rijk, verrijkt, niets en niemand nodig.

Ik lijd vaak aan de situatie van de Nederlandse kerkgeschiedenis.
We lopen met oogkleppen op.
We denken dat Nederland het enige land op de wereld is.
En het Nederlands Gods voertaal.
Het lijkt wel of we niet op het idee komen, dat er andere volkeren, stammen en talen zijn.
Andere gelovigen over het rond van de aarde.

Moet ik eens iets vertellen: er zijn miljoenen christenen die de Statenvertaling niet kennen of lezen, zelfs de King James niet.
Die de psalmberijming van 1773 niet kennen, gebruiken.
Alleen hier is het soms een onoverkomelijk probleem of we ritmisch of niet ritmisch zingen.
Het probleem hoe je de Godsnaam schrijft, is volkomen onbekend.
Het is een Nederlands probleem of we HEERE, HERE of HEER schrijven.
En het één is niet minder eerbiedig dan het andere.

Onlangs hoorde ik van iemand die lidmaat was van de Gereformeerde Gemeente.
Hij verhuisde en in zijn nieuwe woonplaats had hij een Gereformeerde Bondsgemeente gevonden waar hij zich thuis voelt.
Bij het uitschrijven werd hem te kennen gegeven dat hij zich nu op hellend vlak bewoog.
Misschien ben je over een paar jaar wel nergens meer bij aangesloten.
En waarom niet: broeder, geweldig dat je een nieuw geestelijk thuis hebt gevonden?
Waarom zei een moeder mij als Pinksterpredikant: Ik zou liever gehad willen hebben dat mijn zoon drugsverslaafde was geworden dan lid van uw gemeente?

Onlangs schreef een bevriende predikant mij: Leg je er maar bij neer.
De situatie is zoals die is.
Het is hier niet volmaakt.
Ja, dat is waar.
Maar ik blijf het onverdraaglijk vinden dat je beschouwd wordt als een minderwaardig christen als je lid bent van een andere kerk.
God heeft wedergeboren kinderen overál.
Laat dit toch eens diep, diep doordringen.
Ik heb een diepe geestelijke verbondenheid en gemeenschap ervaren met een Rooms-Katholieke monnik, met een Oud-Gereformeerde predikant, met een predikant van een afgescheiden Hervormd-Gereformeerde Gemeente, met een Remonstrantse ziekenhuispredikante.

En wat doen we nu met die diagnose van Jezus?

(wordt vervolgd)

emeritus predikant P Gerrets
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 18 mar 2018 12:15

LAUWE VOORGANGERS, LAUWE GEMEENTELEDEN (2).


In deel 1 schrokken we van de diagnose van Jezus Christus over de gemeente Laodicea.
Het idee van de voorganger en van de gemeenteleden was: het gaat geweldig, we zijn rijk, we zijn rijker geworden en we hebben niets en niemand nodig.

Maar Jezus Christus oordeelt anders.
Jullie zijn ellendig, deerniswekkend, arm, blind en naakt.

Mijn vraag was:

'Wát doen we met de diagnose van Jezus?'

Wacht, Jezus geeft zélf advies.
Zouden onze predikanten, priesters, voorgangers, geestelijke leiders van welke kerkelijke denominatie ook luisteren?
En de gemeenteleden?

O, wanneer be-amen we gezamenlijk de diagnose van Christus, het Hoofd van het Lichaam van Christus?
Weten we eigenlijk wel wat bidden is?
Gisteren merkte ik weer wat een kerkdienst op Biddag inhoudt.
Een gewone kerkdienst net als op zondag.
De predikant bidt aan het begin en aan het einde van de dienst.
Ik verwacht een bidstond.
Een kerkdienst waarin predikant en gemeenteleden vrij bidden.
Het is toch biddag?

Ik denk aan wijlen ds. Jongejan, Oud-Gereformeerd predikant in Dordrecht (Museumstraat).
Hij hield één keer per maand op zaterdag een dag van gebed in een zustergemeente, de Nederduits Gereformeerde Gemeente in Oud-Beijerland.
Daar werd gezongen, een korte meditatie gehouden én vooral gebeden.
Gemeenteleden baden hardop en op de knieën.
Gebed voor een opwekking in de kerk van Christus.

Eérst erkenning.
Jezus, Heer van Uw kerk, wij stemmen in met Uw diagnose.

Jezus zegt:
'Koop gelouterd goud (dat is beproefd geloof);
Witte gewaden om de naaktheid te bedekken (dat is gerechtigheid, dat is heiligheid die oneer, onreinheid bedekt);
Ogenzalf (om ziende te worden)'

(Openbaring 3:18).

Jezus zegt: Alles wat jullie missen, is bij Mij te verkrijgen.
Te koop?
Is geloof, gerechtigheid, geestelijk inzicht te koop?
Met Jesaja 55 zeg ik: zonder geld, zonder prijs.
Om niet.

Het is verschrikkelijk om een christelijke gemeente te zijn zonder Jezus.
Geloof, gerechtigheid, zicht nóóit zonder Jezus.

En dáárom is er bestraffing, tucht, kastijding.
Daar willen we niet over horen anno 2018.
God straft niet, God kastijdt niet, God voedt niet op.
En dat is een enorme misvatting.
Een Vader die zijn zoon liefheeft, corrigeert, wijst terecht, straft zijn kind.
Om die zoon, om die dochter dicht bij zich te houden.
Het Duitse werkwoord 'er-ziehen' (opvoeden, tuchtigen).
Letterlijk: naar je toe trekken.
Dat is opvoeden met liefde.
Jouw kind nergens op aanspreken, nooit corrigeren, nooit begrenzen staat gelijk met: jouw kind verwaarlozen.
Die onthutsende diagnose was absoluut nodig (3:19).

Want wat is de geestelijke situatie van de gemeente in Laodicea?
Er werden erediensten gehouden, gezongen, gepreekt, er werden bijbelstudies gegeven, huisbezoeken afgelegd etcetera.
Maar nú blijkt dat Jezus buiten staat.

Waar is Jezus in jouw, jullie gemeente, jouw, jullie kerk?
Staat Hij buiten?
Hij klopt aan.
Hij roept: Is er iemand die Mij hoort, die Mij binnenlaat?
De koster, een gemeentelid, de voorganger?
Is er iemand die merkt dat Jezus niet aanwezig is in onze gemeente?
Jezus roept: 'Wie Mij binnenlaat, met hem of haar wil Ik de Maaltijd vieren'
(3:20).

Als je deze diagnose aanvaardt en je je omkeert en je laat je corrigeren en je laat Jezus binnen, dán zul je met Mij regeren vanaf de troon van Mijn Vader.

Maar als je deze brief leest, voorganger, en als je deze brief hoort voorlezen, gemeentelid, dan hoop Ik dat jullie de boodschap van Gods Geest horen en er gehoor aan geven (3:21-22).

Ik zie uit naar het moment dat predikanten, priesters, voorgangers zich verootmoedigen, op de knieën gaan...
Ambtsdragers...
Gemeenteleden...
Schuld belijden aan de Here, aan elkaar, aan medechristenen van andere gemeenten en kerken.
Dat we ons eindelijk gaan gedragen als wedergeboren kinderen van één Vader.

Vandaag las ik op Refoweb een schrijven van een jongeman uit een Gereformeerde Gemeente die te horen heeft gekregen dat hij geen openbare geloofsbelijdenis mag afleggen, omdat hij een baard draagt.
Is dit niet zielig?
Beschamend voor het aangezicht van God?

Ooit las ik een advertentie van Teen Challenge waarin een huishoudelijke hulp werd gevraagd. Eén van de voorwaarden: zij moest in tongen kunnen spreken!! Want die dweilen beter?

Lauwe broeders en zusters, kom dichterbij de Bron, dichterbij het Vuur, met andere woorden: éérst aan de voeten van Jezus en nooit op weg zonder bezieling, vervulling van de heilige Geest.
Niet koud, niet lauw, maar vurig van Geest.



P Gerrets. (emeritus predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
Yoshi
Kolonel
Kolonel
Berichten: 2669
Lid geworden op: 18 jun 2015 19:54

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor Yoshi » 18 mar 2018 12:38

Heil

Het is jammer dat de mooie christelijke metafoor 'heil' inmiddels zo is versleten en daarom wordt geminacht. het is verworden tot een smakeloos synoniem voor 'vroomheid', niet eens een echt ethisch begrip. 'Heil' gaat veel verder dan ethische correctheid. Het woord verwijst naar een diep respect voor de fundamenteel bovennatuurlijke werkelijkheid van de mens.
Het weerspiegelt Gods eigen oneindige bezorgdheid om de mens, Gods liefde en zorg voor het intiemste wezen van de mens, Gods liefde voor alles wat van Hem is in de mens, zijn kind. Het is niet de menselijke natuur die wordt 'gered' door de goddelijke genade, maar voor de menselijke persoon.

Thomas Merton

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 27 mar 2018 11:57

GENEZING VAN DE DIEPSTE WONDEN VAN DE ZIEL.


Gedachten vanuit de pastorale praktijk.




Deze week is het de zogeheten Stille Week.
Elke dag bezinnen op de laatste dagen van Jezus.
In Johannes 18 wordt beschreven dat Petrus op de binnenplaats is van het paleis van de hogepriester Kajafas.
Er is een detail in vers 18 dat over het hoofd wordt gezien.
Het is koud. Koud in Israël, zó koud dat er een houtskoolvuur wordt aangelegd, waaraan de mensen zich kunnen warmen.
Ook Petrus. Ondertussen wordt Jezus binnen verhoord.

Als Petrus die binnenplaats betreedt, zegt de poortwachtster:
"Ben jij niet óók een van de leerlingen van deze mens?"
En Petrus antwoordt: "dat ben ik niet!" (Johannes 18:17).
En later, terwijl Petrus zich warmt aan het houtskoolvuur, vragen anderen: "Ben ook jij niet één van zijn leerlingen?"
Petrus antwoordt: "Dat ben ik niet!" (18:25).
En kort daarop merkt een dienaar van de hogepriester en een familielid van Malchus waarvan Petrus in de hof een oorlel had afgeslagen op: "Heb ik jou niet bij hem in de hof gezien?"
En Petrus loochent het weer.
Op dat moment kraait er een haan (18:26-27).

Petrus, één van de meest gepassioneerde leerlingen van Jezus.
Die belijdt dat Jezus de Christus is, de Zoon van de levende God.
Die Jezus wil beschermen voor het komende kwaad dat Hem zal worden aangedaan.
Die zegt: Ik ben bereid met u de gevangenis en de dood in te gaan!
En Jezus zegt: Ach Petrus voordat de haan kraait zul je Mij tot drie maal toe verloochenen.
En zojuist kraaide de haan en drie maal ontkende hij ook maar iets met Jezus te hebben.

U, jij en ik, wij kennen onszelf niet.
Wij weten niet hoe wij onder druk, in moeilijke omstandigheden zullen reageren.
Ziende op Jezus lopen we op water, maar op de binnenplaats in de kille nacht, staande bij een houtskoolvuur verloochenen we Jezus doodsbang ons hachje te verliezen.

Petrus weent bitter.
Is in geen velden of wegen te bekennen als Jezus gekruisigd wordt.

In Johannes 20 melden de vrouwen hem dat het graf leeg is en samen met Johannes gaat hij op onderzoek uit.

En diezelfde dag verschijnt Jezus temidden van de leerlingen.

En dan in Johannes 21 is het Petrus die tegen de anderen zegt: 'ik ga vissen' (21:3).
Alsof ze geen raad weten met de Verrezen Heer. Alsof ze niet weten wat te doen. Geen plannen, geen opdrachten.
Maar ze vangen 's nachts niets!
De andere morgen roept een vreemdeling vanaf de kust: "Hebben jullie niets voor bij het eten?"
Hun antwoord: 'Nee'. De vreemdeling (de beste stuurlui staan aan wal) roept: 'Werp het net uit aan de rechterkant' en de vangst is overweldigend.

Het is Johannes die het éérst ontdekt dat het Jezus is en vertelt dit aan Petrus.
Die springt in het water en wat treft hij aan op het strand?
21:9 een houtskoolvuur. Twee maal in het NT staat dit woord 'houtskoolvuur'.
In Johannes 18 en 21.
Een houtskoolvuur met daarop een vis die gebakken wordt en brood.
En de andere leerlingen slepen een net met 153 vissen aan land.

Daar op de binnenplaats van het paleis van de hogepriester brandde een houtskoolvuur waaraan Petrus zich warmde, Jezus stond binnen voor de hogepriester.
Petrus ontkende tot drie keer toe dat er een band bestond tussen Jezus en hem.

En nu bij dit houtskoolvuur, door Jezus aangelegd en met Jezus erbij stelt deze na het genoten ontbijt drie vragen.
In 21:15-17 vinden we de vragen die vaak zo slordig worden weergegeven, ook in de Basisbijbel.
Jezus vraagt niet 3x hetzelfde.
En vanwege die 3x wordt Petrus bedroefd.
Het gaat dieper.
2x vraagt Jezus: Simon, zoon van Johannes, heb jij mij lief met dezelfde zelfverloochenende liefde als waarmee Ik jou heb liefgehad, overvloediger dan de anderen?
Hier noemt Jezus hem bij zijn oude naam.

Wát moet hij antwoorden?
Heeft hij Jezus lief met dezelfde liefde als waarmee Jezus hem liefheeft, die zijn leven over had voor hem.
Tot 2x toe antwoordt Petrus: 'U weet dat ik uw vriend ben!'
Dat vroeg Jezus niet. Hij vroeg agapao (Grieks voor de hoogste vorm van liefde). Hij antwoordt phileo (Grieks voor vriendschap).

En die derde keer vraagt Jezus: Ben je mijn vriend?
Jezus daalt af van agapao naar phileo.
Drie vragen bij het houtskoolvuur.
Vragen die hij eigenlijk niet goed beantwoordt.
Jezus die afdaalt naar zijn niveau en notabene hem in ere herstelt.
Hij vertrouwt Zijn kudde aan hem toe.

En zó geneest Jezus hem van de nachtmerrie van de verloocheningsnacht, waarbij hij zich totaal diskwalificeerde.

Niemand hoeft dóór te leven met nachtmerries, angstaanjagende herinneringen, trauma's, zielswonden.
Wat we destijds zonder merkbare aanwezigheid van Jezus ondergingen, daarin wil Jezus alsnog komen met zijn helende liefde.

Ga nooit zélf peuren en graven in jouw eigen herinneringen.
Zoek deskundige hulp.
Een christen, een christin.
Ga samen met Jezus de weg terug.
Het béste is dat je als vrouw een vrouwelijke deskundige in vertrouwen neemt. Als man een mannelijke hulpverlener.

Het kan kort duren, langer of heel lang.
Maar voor de Here Jezus zijn er geen hopeloze situaties.
Als hulpverlener heb je écht een luisterend oor nodig voor degene die je helpt, maar ook voor de heilige Geest die verborgen dingen aan het licht brengt en aanwijzingen geeft hoe te helpen.

Ik hoop dat ik u, jullie, op weg mocht helpen.
Dank voor het vertrouwen van velen.
Deze dingen bespreek je niet zomaar met de buurvrouw of een collega.
Ik hoop dat diegenen die dat nodig hebben een goede hulpverlener vinden.
Een predikant, pastoraal werker, hulpverlener, psycholoog etc.
Bij alle genoemde functies m/v en dat ze christen zijn en geloven in de kracht van gebed.

Zelf ben ik de weg met meerdere mensen gegaan en de veranderingen gezien.
De genade van de Here Jezus is met jullie,


Emeritus predikant P Gerrets.
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
Chaya
Generaal
Generaal
Berichten: 5366
Lid geworden op: 15 dec 2014 10:38
Locatie: Bij het water

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor Chaya » 28 mar 2018 09:35

‘En Pilatus zeide tot hen: Ziet, de Mens!’ Johannes 19:5b

„Ziet, de Mens!‟ Met deze woorden probeert Pilatus bij het volk medelijden op te wekken. De stadhouder zit met Jezus in de maag. Hij zou Hem moeten vrijlaten. Maar hij vreest de Joden. Ja meer, hij is bang voor zijn eigen positie. Daarom leidt hij Jezus naar buiten. Hij heeft Hem door de soldaten laten geselen. Een oude koningsmantel hebben ze Hem omgeworpen, een rietstaf in Zijn hand gegeven en een doornenkroon op Zijn slaap gedrukt, zo, dat het bloed langs Christus‟ gelaat loopt. En zo leidt de stadhouderJezus uit. Hij hoopt daardoor het medelijden in het hart van het volk op te roepen. Maar het omgekeerde gebeurt. Zo hebben de Joden helemaal geen ontzag meer voor deze Jezus. Nog luider roepen ze vol afschuw: „Weg met Hem, kruis Hem!‟

Pilatus heeft zich verkeken op de situatie. De vrees zwelt aan in zijn hart. Bang voor zijn eigen positie, laat hij Jezus vallen. Dat is Pilatus. Maar deze Pilatus-houding leeft onder ons nog voort. Hoe vaak wordt Jezus ook nu nog uitgeleverd onder druk van mensen en omstandigheden! Hoe vaak laten wij God, Zijn Woord en Zijn dienst vallen als ons eigen belang ermee gemoeid is? Toets u hieraan! „Ziet, de Mens!‟ Pilatus beseft niet wat voor een geweldige waarheid hij hiermee uitspreekt. De waarde en de waarheid van deze woorden gaan veruit boven de bedoeling van de stadhouder. God Zelf zegt hier door Pilatus: „Ziet, de Mens!‟ God laat hier zien wie de mens is! Dat is belangrijk! Niet wat wij ervan vinden. En God zegt niet: „Ziet, een mens!‟ Nee, maar zoals u en ik geworden zijn! „Ziet, de mens!‟ Zie hem met Zijn afgedankte purperen mantel, met Zijn doornenkroon op het hoofd, met Zijn rietstaf in Zijn handen en Zijn rug bebloed door de geseling. „Ziet, de mens!‟

In Christus kunnen we hier zien wat wij geworden zijn. Zijn spotbeeld verraadt onze afkomst. Waar Hij staat, daar hadden wij moeten staan. Als een spotkoning! Wij zijn van koninklijken bloede. Geroepen met de heerlijke roeping en gaven om als onderkoning hier op aarde te heersen over al het geschapene tot verheerlijking van onze God! En nu? Een vervallen grootheid! Vloek en smart en lijden hebben we over ons afgeroepen. En dat door onze ongehoorzaamheid! Hier wordt ons beeld vertoond, onze schande blootgelegd. Zo bent u, zo ben ik in de ogen van God! „Ziet, de mens!‟ Verzet u niet tegen dit beeld, maar val ervoor. Laat er een huivering over uw leden gaan. En buig onder dit Woord van God en belijd het: Zo Gij in ’t recht wilt treden, o Heer’, en gadeslaan, onze ongerechtigheden, ach, wie zal dan bestaan?

Voor wie dat mag belijden, zal de Heere Jezus Zich openbaren als de Mens bij uitstek! De Mens, Die in onze plaats is gaan staan. Als Plaatsvervanger! Zie, déze Mens, zo ben Ik nu! Niet alleen Pilatus in zijn verlegenheid en God in Zijn heiligheid zeggen hier: „Ziet,de Mens!‟ Maar ook de Zaligmaker in Zijn barmhartigheid en zondaarsliefde stelt Zichzelf hier voor en zegt: „Ziet, de Mens. Zo ben Ik nu! Ik in uw/jouw plaats!‟ „Ziet, de mens!‟ Daardoor krijgt dit woord een heel andere klank en inhoud. We staan verwonderd. Hij, Die God is, wilde Mens worden, Die gebukt ging onder de zondenlast! Hij wilde in mijn plaats gaan staan! Geen heerlijker zaak om over na te denken en te beleven dan deze. Geen heerlijker Woord om uit Zijn eigen mond te horen. „Zie Mij, de Mens! Ikben God en wilde Mens worden voor u, voor jou!‟

Als dat doordringt in onze ziel, dan betekent dat zaligheid! Dan is er een stamelen in verwondering: „Zie, o zie de Mens! De Drager van mijn vloek en schande. Al het mijne werd het Zijne.‟ En de Geest verzegelt het: „Nu is al het Zijne ook het mijne!‟ Zulk een zien van Hem geeft echte vrede voor een afgetobde, uitgewerkte zondaar. Vrede met God die alle verstand te boven gaat! Eens zal dit zien des geloofs overgaan in het zien van aanschouwen. Dan zal het Lam gezien worden, staande als geslacht. Dan zullen de gezaligden hun kronen neerwerpen aan de voeten van Hem, Die eens uitkwam voor al de Zijnen, dragende de doornenkroon, maar Die nu gekroond is met eer en heerlijkheid. Zult u, zul jij daar ook gevonden worden? Het laat zich aan deze zijde van het graf kenmerken door een „lieven‟ en „loven‟ van deze God, Die Mens wilde worden. Opstandingskracht Christus stierf in donk’re nacht... Om Zijn kind’ren te bevrijden uit de greep van satans macht wilde Hij zo bitter lijden. Maar Hij bracht óók leven aan: Hij is waarlijk opgestaan!

ds. C.M. Visser - Sommelsdijk
Wee de mens die zich niet elke dag minstens een uur kan bezinnen over zichzelf ~ Rabbi Mosje Leib van Sasow

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 01 apr 2018 10:50

Indien iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis op en volge Mij"
(Marcus 8:34 NBG'51).


Vandaag, 49 jaar geleden, ging ik in op deze uitspraak van Jezus.
Op deze 'uitnodiging'.
Ik kwam uit een gewoon Hervormd gezin.
Je ging op zondag gewoon één keer naar de kerk.
Er werd voor en na het eten gebeden, formuliergebeden.
Vóór: het Onze Vader.
Na: dat rare gebed met dat kleven kleef ('aan dit vergankelijk leven kleef').
Als kind vond ik het zo plakkerig.
Ik zat op een lagere school op Gereformeerde Grondslag, ging naar een Gereformeerde Mulo en later naar een Hervormde Kweekschool.
Ik was een gelovige jongen.
Door een schoolvriend op de Mulo kwam ik terecht in de Christelijk Gereformeerde Gemeente in Nederland waar ds. van Minnen predikant was en in de meest orthodoxe Gereformeerde Bondswijkgemeente in Delft.
En dat was ernstig, er hing een doodssfeer, dat was heel langzaam psalmen zingen, vrouwen en meisjes hoeden op, zwarte pakken.
Het ging over leven en meer over dood, over uitverkiezing, over het oordeel, over de hel, over onze zonden, over ons totale onvermogen.
En zondig was ik.
Ik verlangde naar Jezus, maar waarom stond de deur altijd op een kier en werd die voor je neus in het slot gegooid?
Ik was 19.
En toen beluisterde ik op mijn transistorradio een avondkerkdienst en klonk bovengenoemde tekst.

In mijn oren klonk het zó: 'Als er vanavond iemand is, die Mij wil volgen, verloochen dan jezelf, neem jouw kruis op je en volg Mij dan'.

Kan dat dan zomaar?
Is het een kwestie van antwoord geven?
Mijn ja-woord geven?
Mag ik dan volgen zoals ik ben?
En op die 31e maart 1969 ben ik neergeknield en heb ál mijn zondige gedachten en fantasieën en daden uitgezegd aan de Here, ik heb Hem mijn lichaam, ziel en geest gegeven, maar ik werd niet blij.
En die Mulovriend, die ook een kweekschoolopleiding deed in Den Haag maakte het mij niet makkelijk.
Jezus was alleen voor uitverkorenen gestorven, niet voor álle mensen.
En trouwens: zelf was je niet in staat om je te bekeren.
God moest jou eerst laten weten of je uitverkoren was en God moest mij bekeren.

Maar er gebeurde veel in mijn leven.
Mijn liefde voor het onderwijs verdween.
De overtuiging groeide en werd bevestigd dat ik predikant moest worden.

Ik wilde niet naar de universiteit, want ik wilde mijn geloofsleven niet verliezen. Ik rondde mijn onderwijzersopleiding af begin september 1970 en eind september verhuisde ik naar Brussel om een opleiding te volgen aan het Bijbel Instituut van de Belgische Evangelische Zending.
Als ik een weekend in Delft was, kwam die bewuste vriend mij opzoeken.
Hij was ondertussen onderwijzer in Staphorst.
Na zo'n diepgaand gesprek over de uitverkiezing kreeg ik 's nachts een verschrikkelijke nachtmerrie.
Ik viel in een stikdonkere put en viel en viel en viel en schreeuwde: 'Here, geef mij Uw Woord'.
In het donker pakte ik mijn bijbel, sloeg hem open, knipte mijn zaklantaarn aan en las: "Opdat wij waarlijk vrij zouden zijn, heeft Christus ons vrijgemaakt.
Houdt dus stand en laat u niet weder een slavenjuk opleggen" (Galaten 5:1 NBG'51).

Dit wás, dit ís, dit zál eeuwig Gods antwoord zijn op mensen in mijn leven die onder vrome voorwendselen me proberen te krijgen onder het slavenjuk van de wet.
Het juk dat Christus van mij afgenomen heeft.
Maar ook het dogmatische juk van een ondeugdelijke theologie.
Voor mij geen slavenjuk meer.

Maar wát heeft die orthodoxe prediking uit mijn jeugd diepe gevolgen gehad.
In mijn eerste gemeente werd ik 2,5 jaar achtervolgd door geloofsonzekerheid: denk jij nou echt dat je een kind van God bent, jij bent Judas, jij zult Christus verraden.

Ik ging met angst aan het Avondmaal dat ik zelf bediende.

Dé échte, ware blijdschap ontving ik tijdens een kerkdienst in de Hervormde Maranathakerk in Delft toen ik door de heilige Geest werd aangeraakt.
Een warmtegolf werd over mij uitgestort, over mijn hoofd, het trok door mijn lichaam en herhaalde zich.
Iemand legde Zijn hand op mijn schouder, ik keerde me om, maar niemand deed dat.
En een uur lang werden deze woorden herhaald: 'Jij bent Mijn zoon, Mijn dienstknecht, Mijn erfgenaam'.

Wee al diegenen die mensen die naar God verlangen, die Jezus nodig hebben, struikelblokken op hun weg werpen, hen hinderen om op Jezus' uitnodiging in te gaan.
Het is mij altijd in het Nieuwe Testament opgevallen hoé scherp Jezus' woorden konden zijn tegen bepaalde theologen en wetgeleerden in die tijd en hoé mild Hij was ten opzichte van de scharen.

Wát is Paulus tekeer gegaan tegen de Judaïsten die wedergeboren christenen-uit-de-volkeren probeerden te brengen onder de eisen van de wet.

Wát is het heerlijk om te mogen leven onder het nieuwe verbond.
Te leven uit genade.
Gods Geest in je te weten die je van dag tot dag leidt.


Achter Jezus aan, afstand doen van jezelf, de gevolgen van het belijdend christen zijn voor lief nemen.
Dat betekent delen in zijn lijden, delen in zijn verheerlijking.


Een weg van vallen, falen, opstaan en uiteindelijk weten dat God heel goed wist wie Hij riep.
Zondigen, schuld belijden aan God én mensen.

Máár: ik ben een vreugdevolle, optimistische, dankbare christen.
Hij dráágt mij door dit leven.
Tot op het laatst blijf ik getuigen en verkondigen dat Gods liefde voor jou, wie je ook bent en wat je ook op je kerfstok hebt, overduidelijk is gebleken op Goede Vrijdag, op Golgotha, even buiten Jeruzalem.

Sluit de kerk je buiten?

Jezus nooit.

Gods liefde sluit allen in en niemand uit.

Tenzij jij je niet wilt laten liefhebben, begenadigen, vergeven.

vier Gods genade.
Was die, is die goedkoop?
Absoluut niet!
Het kostte God het leven van Zijn lieve Zoon.
De hóógste prijs.
Wát moet God nog méér doen om jou te overtuigen van Zijn liefde?
Jezus uit de dood laten opstaan?
Wél, ook dat is geschied.




emeritus predikant P Gerrets.
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 12 apr 2018 12:19

DE BIJBEL

Het belangrijkste boek in mijn huis, in mijn leven.
Eigenlijk 66 geschriften, poëzie, wijsheidsspreuken, geschiedenis, levensbeschrijvingen van rechters, koningen, profeten, voorzeggingen over de toekomst, het leven van Jezus vanuit verschillende perspectieven, kerkgeschiedenis van de vroege gemeenten, pastorale brieven in één boek.
Ik hoorde de verhalen op de lagere school, thuis, op de zondagsschool, in de kinderkerk, de jeugdkerk, de kerk.
Ik las en lees zelf.
Ik ben heel dankbaar voor mijn opleiding in Brussel, waarin de Bijbel centraal stond.
Al die jaren dat ik preken mag, studies gaf, schrijf.
En ná al die jaren fascineert dit boek mij nog steeds.

Voor mij is dit boek in de oorspronkelijke grondtalen door Gods Geest geïnspireerd.
Ik lees het liefst vertalingen die zó dicht mogelijk bij die grondtalen komen: de Statenvertaling én de Naardense Bijbel.
Modernere, gemakkelijk leesbare vertalingen laten veel kostbaars weg.
Ik lees dan graag de Willibrordvertaling (1995) of de Groot Nieuws Bijbel.

Ik heb een hekel aan de uitdrukking 'verhalenboek'.
'Het verhaal gaat'. Ik heb veel meer met de uitdrukking: 'En het geschiedt'.
Voor mij geeft de Bijbel zelf aan of het gaat om geschiedenis, historie óf het gaat om poëzie, wijsheidsspreuken, liederen.
Of het gaat om léérverhalen (in de Bijbel 'gelijkenissen' genoemd), profetische uitspraken die al vervuld zijn of nog vervuld moeten worden.
Of het gaat om wetsteksten of apostolisch vermaan.

In het eerste deel gaat het vooral over de uitverkiezing van Abraham, Izaak en Jakob en hun nageslacht.
Het handelen van God met zijn volk Israël.
In het tweede deel, vanaf het boek Handelingen gaat het om Gods handelen met de Joden en méér over het handelen van God met de niet-Joden en in de Apocalyps om Gods eindstrategie, onze uiteindelijke bestemming.

Er wordt heel vaak opgemerkt: de Bijbel is geen aardrijkskundeboek, geen biologieboek, geen geschiedenisboek.
Terwijl diezelfde Bijbel landen, rivieren, plaatsen benoemt.
Terwijl de Bijbel de vaderlandse geschiedenis beschrijft van Israël, het leven van Jezus, de ontstaansgeschiedenis van de gemeente van Jezus Christus.
Genesis 1-11 wordt naar het rijk van de fabelen verwezen.
Mythische oerverhalen.
Niet voor mij.

Wat de Bijbel vooral niet is: 'voer voor theologen'.
Geen dogmatiek.
In theologische boeken, boeken die de leer van de Bijbel proberen vast te leggen, slaat men de plank mis.

Wij mogen God niet vastleggen in een beeld, of het nu van hout of steen is, een schilderstuk, een dogmatiek of een hersenspinsel.
God is geest. God is niet statisch.
God is dynamisch.
Er is maar één beeld van de Onzienlijke dat God gaaf weergeeft: Jezus Christus, het beeld van de onzichtbare God (Colossenzen 1:15).

Daarom kon Jezus zeggen: "Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien" (Johannes 14:9).

De Bijbel in zijn geheel openbaart hoe God met de mens wil omgaan, individueel en als volk.


De Bijbel is een altijd fascinerende bibliotheek van 66 boeken, boekjes, liederen, gedichten, historie, visioenen, profetieën.

Ik eindigde het eerste deel met de opmerking dat in deze bibliotheek, in deze Bijbel God laat zien hoe Hij met ons, mensen, wil omgaan.

De Bijbel begint met déze belijdenis: dit heelal, alle planeten, sterren, de aarde, de flora, de fauna, de mensen zijn er niet 'toevallig'. Dit is mijn protest tégen de evolutietheorie.
De evolutionisten geloven dat alles is ontstaan uit een lange reeks toevalligheden.
Het idee dat orde ontstaan is uit chaos (een oerexplosie) vind ik, persoonlijk, belachelijk.
Het ganse universum 'werkt' als een uurwerk.
Elke bioloog, natuurwetenschapper, medicus is onder de indruk van bomen, bloemen en planten, dieren, de mens en het menselijk lichaam.
Het is, vergeef me de uitdrukking, dom, om te ontkennen dat er een Intelligent Ontwerper is geweest die alles bedacht en tot stand heeft gebracht.
Het is onbegrijpelijk dom het bestaan van een Schepper te ontkennen.
Wel Genesis zet krachtig in met die geloofsbelijdenis.

En van de datering ben ik niet onder de indruk.
Men spreekt over honderden miljoenen jaren.
Het mag van mij.
Je kunt twisten over de lengte van de scheppingsdagen.
Belangrijk?
Eén dag kan in Gods ogen duizend jaar zijn.
En duizend jaar als één dag.
De Bijbel laat er geen twijfel over bestaan: alles is ontstaan, in het licht geroepen door de Schepper.
God.

Zes dagen heeft God nodig. Op de zesde dag schept Hij de mens.
En wat was in het leven van die mens de eerste volle dag?
De zevende, de sabbat, de rustdag.
De mens werd geschapen in Gods volbrachte scheppingswerk. Adam 'vertrekt' vanuit de rust.

Adam in de tuin, de hof van Eden, het paradijs.
Adam is op aarde Gods partner.
Gods rentmeester, later samen met Eva.

Hoe eindigt de Bijbel? Met een totale overwinning over de zonde, het lijden, de dood, Gods tegenstander en de mens levend in een volledig transparante stad, het Nieuwe Jeruzalem. Zon en maan overbodig.
God zélf is het Licht.

Het begin is fantastisch.
En het slot is fantastisch.

God wandelt met de mensen.
Mensen wandelen met God.

Dát is hét kenmerkende van de Bijbel.
God kán niet zonder mensen.
Mensen kunnen niet zonder God.

God wil dichtbij ons zijn.
Onder ons wonen.
Als er scheiding ontstaat, stelt God álles in het werk om die scheiding ongedaan te maken.
Aan het slot woont God en het Lam bij de mensen in het Nieuwe Jeruzalem.

Kijk, dát boeit mij.
Dát maakt de Bijbel zo'n fascinerend boek.

Mijn geestelijke vader zei altijd:
'Je moet niet denken dat God alleen in die hemel gelukkig is.
Hij heeft de mens geschapen om Zijn geluk, Zijn heerlijkheid met hem, met hen te delen.
Die mens beleeft het hoogste geluk in gezelschap van God.
God beleeft Zijn hoogst geluk samen met jou'
(Ds. Gerrit Toornvliet).

emeritus predikant P Gerrets
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 05 mei 2018 16:11

HOE WEET IK DAT GOD MIJ LIEFHEEFT ?


Uit mijn jeugd weet ik dat ik keer op keer de indruk kreeg, dat God voortdurend boos was.
In de kerk, in de kinderkerk, op de lagere school.
De kinderbijbel van W.G. van der Hulst vat ik (kort door de bocht) samen met:
'Wie zoet is, krijgt lekkers; wie stout is de roe!'
Er was weinig verschil tussen God en Sint Nicolaas.
Ik heb altijd veel sympathie gehad voor de stoute mensen: Kaïn, Esau, de jager; Simson; koning Saul, om er een paar te noemen.
En die absurde tekening waarin de rook van Kaín's offer neerboog naar de aarde en de rook van Abel's offer recht omhoog steeg naar God.
Het wordt in de Bijbel niet vermeld.
De dominee met de roe van eeuwige verlorenheid, in de handen vallen van de duivel en voor altijd branden in de hel.
Die sfeer van rouw en dood, die psalmen op wel hele lange noten, was er wel een psalmmelodie in majeur, ik hoorde zoveel mineur.
Die Tien Geboden, die lange preken met een tussenzang. Die donkere kleding bij vrouwen en mannen, die hoedenparade.
Zondag, de dag waarop je niets mocht.

Was het zó somber, voor mij wel.

Alles wat vreugdevol kon zijn, werd uitgebannen.
In de wijkgemeente waar ik kerkte in Delft mocht er geen Avondmaalstafel staan in de kerk, geen bloemen en al helemaal geen Kerstboom.
De Avondmaalstafel stond er alleen op de vier Avondmaalszondagen.

Hoe kun je weten dat God je liefheeft?
Dan moet je er eerst achterkomen of je wel uitverkoren bent tot zaligheid.
Ja, maar Jezus heeft Zijn leven toch gegeven voor de hele wereld?
Nee, alleen voor de uitverkorenen tot zaligheid.
Want God heeft mensen uitgekozen om verloren te gaan en God heeft mensen uitgekozen om behouden te worden.
Dus moet je wachten tot de Here je een droom geeft, een Bijbeltekst of een psalmregel waardoor je mag weten: ik mag Gods uitverkoren kind zijn.
Want van nature zijn wij allemaal Adam's kinderen liggend onder het oordeel van God.
Dood, morsdood.
Een mens kan niets, doet niets, wil niets.
Hij of zij kan zich niet bekeren.
De Here moet je oprapen.

En anno 2018 wordt er in sommige denominaties nog zó gepreekt.

Een jeugdvriend schreef me: 'Och bij tijden en ogenblikken mag ik een glimp van Gods genade opvangen'.
Enkele jaren geleden ontving hij plotseling de overtuiging dat hij welkom was aan de Tafel des Heren.

Ik kan daarom janken.
Ik word diep geraakt als ik berichten ontvang van mensen die de zekerheid des geloofs missen.

Ik ben fel tegen deze valse en onoprechte vroomheid die geen grond heeft in de Bijbel.
Vroom, niet in de zin van dapper, moedig.
Vroom, in de zin van misselijk makende menselijke godsdienstigheid.

God heeft de hele wereld lief.
De hele wereld, niet sommigen, niet velen, maar allen.
Iets anders lees ik niet in Johannes 3:16.
Jezus Christus heeft de wereld met God verzoend lezen we in 2 Korintiërs 5:18-19.
Hij is een zoenoffer niet alleen voor onze zonden, maar voor die van de gehele wereld (1 Johannes 2:2).
God is een redder van alle mensen (1 Timoteüs 4:10).

Leer ik de alverzoening?
Uitdrukkelijk nee!

Maar wel dít:
1. God heeft alle mensen lief.
2. God is mens geworden in Jezus de Gezalfde en in principe is Zijn eens-en-voor-altijd-volbrachte-verzoenings-en verlossingswerk toereikend voor alle mensen die geleefd hebben, die nu leven en die nog zullen leven.
3. Er is overvloed van genade voor allen.
4. Het enige wat de Here van jou en mij vraagt is:
'Mijn geschenk aan jou is Jezus Christus en in Hem verzoening met God, vergeving van zonden, het eeuwige leven en de inwoning van de heilige Geest.
Wil jij dit nu aannemen?'

Dat is geloven, aannemen wat God geeft.

Een mens gaat niet verloren omdat hij of zij niet uitverkoren was tot zaligheid.
Een mens gaat niet verloren omdat hij of zij uitverkoren was om verloren te gaan.
Een mens gaat zelfs niet verloren vanwege zijn of haar zonden en misdaden.

Een mens gaat verloren door stomme nalatigheid, omdat hij of zij Gods genade in Jezus niet aangenomen heeft.

Mijn geliefde broeder Jan van Dooijeweert sprak voor een groep studenten en bood een 2 euromuntstuk aan.
'Wie wil er 2 euro van mij ontvangen?'
Het bleef stil.
Hij bood het nog eens aan.
Toen kwam er iemand naar voren om het uit de hand van onze broeder aan te nemen.
En Jan vroeg: 'Kunnen we degene die net die 2 euro ontvangen heeft, beschuldigen van diefstal?'
'Nee, want ik heb het gegeven'.
Waarom zijn er dan kringen waar men zegt dat je met een gestolen Jezus leeft.
God heeft gegeven en wij mogen door genade aannemen.

Leef dan uit en van die genade.
Met vreugde en dankbaarheid.

Een gezegende dag.
P Gerrets (emeritus predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 20 mei 2018 07:56

"Het nieuwe denken"

"... maar wordt hervormd in vernieuwing van het denken, zodat gij kunt toetsen wat de wil van God is, het goede en welbehaaglijke en volmaakte"

(Romeinen 12:2 Naardense Bijbel 2014).


HET NIEUWE DENKEN.


Wanneer durven we eindelijk nieuwe wegen te gaan?
Wanneer durven we ándere gedachten toe te laten?
Eén van de Griekse woorden voor 'bekering' is:
metanoia, dat is: ánders denken.

Paulus schrijft aan de Romeinen: nieuw denken leidt tot een metamorfose én tot een klaar en helder zicht op de wil van God.

Wie doet wat?

Romeinen 12:1
Jij en ik stellen onze lichamen ten dienste van God.
Waarom?
Omdat in de hoofdstukken 1-11 Paulus ons heeft laten zien hoé barmhartig God is jegens Jood en heiden.
Wij stellen ons lichaam in het hier en nu ter beschikking van God.
God wil geen dode offers, maar levende offers.

Romeinen 12:2
'Wordt hervormd'.
Opnieuw een opdracht tot het ter beschikking stellen van ons denken aan God.

Met andere woorden:
Wij stellen ons met lichaam en ziel en geest en ons denken ter beschikking van God.
En dan verandert God ons totaal.

Dít is ons probleem.
Wij willen niet.
Wij durven niet.

Ik zie het op álle terreinen.
Wij blijven liever in Egypte, bij de vleespotten, bij het knoflook, de komkommers en de uien.
We worden er als slaven behandeld, onze pasgeboren jongetjes in de Nijl gegooid. We worden geslagen als we onvoldoende produceren.
In de woestijn onder leiding van Mozes haten we het hemelse manna, het eten van kwakkels, het drinken van water uit de rots.
We haten het leiderschap.
En dan prijzen we Egypte.
Het beloofde land is niet in te nemen.

En ik verbaas me over de gemeente van Jezus Christus. Christus richt met allen die in Hem geloven uit de Joden en uit de heidenen een nieuw verbond op.
Een NIEUW VERBOND en niet EEN VERNIEUWD VERBOND.
Dat nieuwe verbond kenmerkt zich door twee dingen:
1. God gedenkt onze zonden niet meer.
Door het eens en voor altijd volbrachte werk van Jezus Christus worden onze beleden zonden VERGEVEN en VERGETEN.
2. Gods Geest schrijft in onze harten Gods geboden.
Niet meer de Wet gebeiteld in twee stenen tafels.
Maar Gods wil in ons hart.
Zodat we van harte willen doen wat Hij wil.
De heilige Geest in ons neemt ons bij de hand.

Dát is de diepe essentie van het Pinksterfeest.
Gods Geest IN ons.

En nu komt het: durven we de haven uit te varen met Gods Geest in de zeilen?
In Johannes 3:8 wordt geschreven dat een wedergeboren gelovige lijkt op de onvoorspelbare wind.

Maar ik zie over het algemeen christenen die zich vastklampen aan Egypte, die zich vastklampen aan het oude verbond van de wet.
In Egypte wist je wat je had.
Onder het oude verbond weet je waar je aan toe bent.

We houden vast aan oude Bijbelvertalingen, oude psalmberijmingen, de echte gereformeerde liturgie, de kinderdoop.

Mét de Geesteswind uitvaren, mét de Geesteswind méé waaien, liever niet.
Wij blijven liever in Egypte, dan op weg gaan naar het beloofde land.
We zijn doodsbang voor Gods liefde, Gods genade, Gods ontfermen.

We hebben nooit anders gehoord dan dat we slecht en verdorven zijn.
Dat we niet deugen.
Volgens onze eigen overtuiging zijn we mislukkelingen. We hebben gefaald.
Mensen hebben ons nooit anders laten weten.

En als God ons ánders benadert, dan vergist Hij zich.
We horen liever over hel en verdoemenis, dan van vrijspraak en vergeving.

Vernieuwing van denken.
Dan zullen we lezen hoe God ons in en door Christus ziet. Dan zal het Evangelie vaste grond in ons moeten vinden.
Dan is bepaalde prediking gevaarlijk voor ons.
Er is ziekmakende prediking.
Alle niet-Christocentrische prediking.

Jezus Christus vat de Wet samen in één woord:
LIEFDE VOOR GOD.
LIEFDE VOOR DE MEDEMENS ZOALS HIJ JOU HEEFT LIEFGEHAD.

Sinds Pinksteren mijn hart heeft ingenomen laat ik me leiden door de Geest van Christus.
Zijn trouwe liefde en vriendschap, genade en vergeving.
Is mijn leven een avontuur.
Eén en al verbazing.

De beproeving en het chronisch ziek zijn ken ik uit ondervinding.
Maar dat Hij mij draagt en nooit in de steek laat is een bijzondere ervaring.
Ik ben geen natuurlijk kind van Abraham.
De Wet staat niet boven mij.
Ik ben een geestelijke kind van Abraham en leef in geloof en deel in het avontuur.
Christus in wiens ingewanden de Wet was, leeft in mij.

Wat kun je verliezen?
Heb je tientallen jaren onder veroordeling geleefd, in angst, met een volkomen verkeerd zelfbeeld?

Dán belijd ik duizend malen liever: Barmhartige Heer, hier is mijn lichaam, hier is mijn denken.
Vervul mijn gedachten met Uw gedachten en neem mij mee op de wind van Uw heilige Geest.
Ik wil ervaren hoe U spreekt, hoe U over mij denkt, hoe U mij liefheeft en mij genadig bent.
Neem mij bij Uw hand.

Ik wens een ieder die niet verder komt, een hand van een broeder of zuster die jou in Christus' naam wordt gereikt en dit leven onder het nieuwe verbond kent en jou zal kennis laten maken met Gods denken over jou en jouw leven.

Een gezegende dag,
P Gerrets (emeritus predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 25 mei 2018 21:39

EEN VERLAMMENDE ANGST (1)


Ik ben erg benieuwd wat de viering van het Pinksterfeest met jou gedaan heeft.
Met u.
Met uw kerk, met uw gemeente.

Ik keek naar een gedeelte van de huwelijksinzegening in Windsor van prins Harry en Meghan.
Zó typisch Brits.
Zó stijfjes.
Zó traditioneel.
Zó vormelijk.
Al die vaste rituelen.
En al die kerkgangers.
Uitgestreken gezichten.
En dan die predikant die preekte.
Eindelijk iemand die zichzelf durfde zijn.
Die zijn hart en ziel legde in zijn preek.
Een aanstekelijke vrolijkheid.
Een vurig enthousiasme.
Echt een Pinksterpreek.
Gedreven.
Iedereen spreekt over die preek.

Het was voelbaar, deze predikant viel uit de toon in deze Anglicaanse stijve viering.

Waarom zijn we zó gereserveerd, zó vormelijk, zó gehecht aan het traditionele.
Zó stijf.

Ik proef angst.
Stel je voor dat er tijdens onze kerkdienst een geluid opsteekt als van een hevige storm.
Als boven onze hoofden iets verscheen als vuurvlammen.
Als de Geesteswind waait door onze gemeente, als Gods Geest al onze harten zou vullen en we zouden opstaan en de kerk uitgaan en met elkaar op het kerkplein gezamenlijk God zouden gaan aanbidden, Hem danken voor al Zijn daden.
In vreemde, onbekende talen die op straat begrepen werden.

Want die 120 preekten niet, ze aanbaden en noemden in hun gebeden Gods grote daden in de geschiedenis.
De preek van Petrus was voor alle aanwezigen duidelijk en verstaanbaar.
Onze dominee sprak op het kerkplein en 3.000 mensen kwamen tot geloof en werden gedoopt.

De andere dag krantenkoppen: "KERKDIENST VRESELIJK UIT DE HAND GELOPEN".

Velen zijn doodsbang voor de heilige Geest, voor het onverwachte, onverhoedse, de onderbreking van de orde van dienst.
Binnen de kerkmuren zijn we helden, erbuiten angsthazen.

Ooit werd ik uitgenodigd door de classis van de Gereformeerde Kerken synodaal van Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee om één van de sprekers te zijn tijdens een ontmoetingsdag in de Hervormde Catharijnekerk in Brielle.
De voorbereidingscommissie kwam me opzoeken en vroeg me: 'Waarover gaat u spreken?'
En ik antwoordde tot hun verbijstering: 'Over wat de heilige Geest doet in uw en mijn leven'.
Maar het gaat toch over de geboorte van de kerk en over zending?
Wij zouden niet weten wat u te vertellen heeft.
De dag werd ingevuld met blokken van elk 20 minuten.
Een overdenking, samenzang, orgelconcert, kramen van christelijke organisaties bekijken, een overdenking etc.
Het was mijn beurt en ik hield een korte preek over dát wat de heilige Geest in ons wil en kan doen.
Enkele dagen later stond er in de regionale krant een artikel: "DE PREEK VAN DS. GERRETS MAAKTE VELE TONGEN LOS".
Was het maar waar, dacht ik ondeugend.
Mozes riep uit: "Ach ware het gehele volk des HEREN profeten".

Wij zijn bang.
Bang voor nieuw.
Bang voor onbekend.
Bang de regie te verliezen.
Wij houden het bij het bekende, oude, vertrouwde.

En ik wacht tot het Reformatorisch Dagblad de Opwekkingsconferentie in Biddinghuizen weer in de kraakwagen gooit.
Want 65.000 christenen uit Evangelische- en Reformatorische kerken en gemeenten beleefden feest.
Er komen mensen tot bekering, ontvangen genezing, worden vervuld met de heilige Geest, prijzen massaal de Here, laten zich toerusten, vieren samen het Avondmaal.
Zingen, dansen, springen, heffen hun handen naar de hemel.
Maar dat kan toch zomaar niet?
Als Gods Geest jouw leven vervult, dan uit je dat.

Het is makkelijk af te schieten.

Maar dan nogmaals: Liet het Pinksterweekend u ongemoeid, onberoerd?
Liet het u koud?



______________________________________________________________________________________________________________


EEN VERLAMMENDE ANGST (2)




Werkelijk, ik ben blij dat het Reformatorisch Dagblad de Opwekkingsconferentie niet heeft afgeschoten.
Zij plaatste een artikel onder de titel, dat wij studenten moeten worden op de leerschool van de heilige Geest.

En de grote vraag: 'Zie jij, ziet u, zich genoodzaakt om door de heilige Geest onderwezen te worden?'

Ik kan maar niet begrijpen wat onze angst is.
Angst van kerkleiders, angst van ambtsdragers, angst van predikanten, angst van gemeenteleden en kerkgangers.

Wát is de Bijbel?
Wat wordt er bedoeld met het Evangelie?
Het Woord van God? De blijde boodschap, het goede nieuws?
Ik ken de kerkelijke wereld.
Of: de Bijbel wordt gehanteerd als een Wetboek van Strafrecht.
Of: de Bijbel wordt beschouwd als een sprookjesboek.
Het Evangelie, blij nieuws over Gods genade en vergeving.
Of: De weg naar de hemel staat op een kiertje, voor Gods uitverkorenen.
Of: Een nieuwe samenleving is mogelijk.
Jezus ons voorbeeld om mens naar Gods bedoeling te zijn.

Neem me niet kwalijk!

Die gemeente van Jezus Christus blinkt wel uit in onderlinge liefde, respect, eenheid.
Laat ik het maar bij Nederland houden.

Een tijd geleden werd een jongeman in een plaatselijke Gereformeerde Gemeente toestemming geweigerd belijdenis des geloofs af te leggen, omdat hij een baard droeg.
Op Refoweb ontstond een felle discussie en als het goed is mocht deze jongeman uiteindelijk dit Pinksterweekend belijdenis afleggen van het geloof.

Vrienden schreven me dat ze vorige week een trouwdienst bijwoonden.
Zwart was de 'kleur' die de boventoon voerde.
Het werd de bruid verboden haar bruidsboeket mee te nemen naar de kerkzaal.
De preek van 45 minuten ging over de totale verdorvenheid van de mens die tot niets in staat is, ook niet om zich te bekeren.
Het leven is wachten tot de Heere iets doet om ons tot leven te wekken.
Haat God bruidsboeketten?

Twee Refojongeren waren erg gegrepen door het verkeersongeluk waarbij de 14-jarige dochter van ds. W.A. Zondag (GG Woerden) om het leven kwam.
Zij vertelden in een interview hoezeer dat hen aangegrepen had en aan het denken had gezet.
Dat het hen had doen beseffen hoe nodig het is Christus te kennen en door Hem het eeuwige leven te ontvangen.
Een andere predikant riep het RD op dergelijke interviews die een soort entertainment brachten niet meer te plaatsen, want deze jongelui peilden de diepten niet van de ernst van het leven en de macht van de dood.
En een mevrouw die in een Gereformeerde Bondsgemeente twee mannen aanspreekt die nog maar kort met het christelijk geloof bezig zijn, trouw in de kerk komen, een homostel zijn en zo nodig moest zeggen, ook namens anderen, dat zij eigenlijk niet welkom zijn in de kerk.
Gelukkig heeft de predikant een gesprek met hen gehad.

Gaat het om kleding, seksuele geaardheid, een bruidsboeket, een baard?
Om het tempo van het zingen, de berijming, het vrije lied, de vertaling?

Verlammende angst.
Wat wil de gemeente?
De ouderen willen de psalmberijming van 1773, daarom kunnen en willen we niet de nieuwe berijming invoeren.
En gezangen?

"Zingt de HERE een nieuw lied" en
"Psalmen, hymnen en geestelijke liederen", leggen we gewoon naast ons neer.
De gewoonte, de traditie gaat voor.

Angsthazen.
Sola Scriptura!
Maar niet in alles hoor.

We zijn meesters in het bedroeven van de heilige Geest.
We bidden om de leiding van de heilige Geest én krijgt Hij de leiding?
Geschiedt Gods wil?
Komt God aan het Woord?

Wijlen ds. Jongejan, Oud-Gereformeerd predikant in Dordrecht (Museumstraat) preekte over Psalm 90:14
"Verzadig ons in de ochtend met uw vriendschap, dat wij jubelen en verheugd zijn al onze dagen".

En ik herinner mij, dat hij tot de gemeente zei: "Als de Heere ons in de morgenstond verzadigt met Zijn goedertierenheid, dan zult ook ú niet in de kerkbanken kunnen blijven zitten.
Dan zult u opstaan en in de handen klappen en dansen en zingen en juichen.
Dan kunt u niet anders.
God komt niet met een beetje goedertierenheid.
Hij verzadigt ons tot overlopens toe.
Wij zullen alle dagen, hoort u het: alle dagen van ons leven blij zijn".

En dát is zó.
Het Pinksterfeest kán niet geruisloos voorbij gaan.
Ik kan niet ophouden allen die dit lezen, voorgangers, pastors, predikanten, gelovigen, te zeggen: dooft de Geest niet uit.
Maak van uw parochie of kerk geen museum van oudheden.
Bidt om de doorlopende vervulling met de heilige Geest en alsjeblieft uit die ontroering, laat die tranen komen, uit dat verdriet over de zonden in ons leven, uit die tomeloze vreugde.
Onze psalmen spreken over bomen die klappen, handen die omhoog geheven worden, knieën die zich buigen en wij zitten als houten klazen in de banken.

Wat is er gebeurd?

"Verheerlijkt dan God met uw lichaam".
"God liefhebben met ons verstand, met onze ziel, met al onze kracht"

In Elspeet staat naast de Hervormde Dorpskerk de brandweerkazerne.
Een gevaarlijke situatie.
Laat in jullie harten het vuur gaan branden, de eeuwige vlam van Gods liefde.
Opdat de wereld ziet dat Christus in ons leeft.


emeritus predikant P Gerrets
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 03 jun 2018 21:20

EEN VERLAMMENDE ANGST


Nog enkele dingen moeten mij van het hart.
Soms vraag ik me het volgende af:
'Waarom denken gelovigen hier in Nederland dat we het hier veel beter doen, dan gelovigen elders in deze wereld?'

Wij hebben de meeste eerbied voor God.
Wij hebben de beste bijbelvertaling.
Wij hebben de beste psalmberijming.
Wij hebben de beste belijdenisgeschriften.
Wij hebben de beste dooppraktijk.

Dit vind ik terug bij orthodox-reformatorische gelovigen.
Het is net of er geen buitenland bestaat, of er niet honderden vreemde talen zijn.
Hoe kon het gebeuren dat een Groninger Vrijgemaakt Gereformeerde emerituspredikant op 90-jarige leeftijd met grote stelligheid beweerde dat als Jezus Christus zou wederkomen Hij bij hem aan de pastorie zou aanbellen, want de Vrijgemaakt Gereformeerden waren de enige ware zaligmakende kerk van Jezus Christus hier op aarde.

Je kunt erom lachen, maar ik vond het destijds ten hemel schreiend.

Hoe lang heeft de GKv dit niet volgehouden en uit de huidige GKv zijn verontrusten uitgestapt om die GKv van vroeger in stand te houden.

De eerbied voor God komt uit in de schrijfwijze in onze taal, de Nederlandse taal.
Wat is er in het Nederlands taalgebied een gedoe over geweest!
Waar in de Hebreeuwse grondtekst de Naam van God wordt gebruikt, Jahwe, geeft een degelijke, de degelijkste bijbelvertaling die we hebben, de Statenvertaling uit 1637, dit weer met HEERE.
Waar Adonai staat: Heere.
In het Nieuwe Testament als 'kurios' gebruikt wordt: Heere.

Misprijzend heeft men zich uitgelaten over latere vertalingen.
In de NBG'51 slechts: HERE, Here.
Dat werd beschouwd als godslastering.

En van God los is: HEER, Heer.

Van huis uit ben ik onderwijzer.
Ik krijg het niet geschreven: de Heere Jezus.
Dat is gewoon een spellingsfout.

Gods Naam ijdel gebruiken is dat o.a. Here schrijven in plaats van Heere.
Of: Heer in plaats van Heere?
Ook in gebeden is het oppassen: dat je als dominee duidelijk God aanspreekt met het hoorbare: HeerE.

Is het nu werkelijk nog nooit in een Nederlandssprekend hoofd opgekomen, dat dit vraagstuk alleen maar in de Nederlandse taal voorkomt?
Dat er volken en stammen zijn waar men niet eens drie e's in de Godsnaam heeft?

Dat wij God plechtig aanspreken met Gij of U en dat men in andere talen God aanspreekt met ons 'Jij'?

En dan de Statenvertaling van 1637.
Zeker een monument.
Maar die Statenvertaling is in de loop der eeuwen steeds in woordgebruik aangepast aan de tijd.
Wordt er in de door u en in uw kerk gebruikte Statenbijbel nog steeds in plaats van 'mannelijk' de uitdrukking uit 1637 gebruikt:
'al wat tegen den wand pischt?'

Er is zelfs een Vereniging tot Behoud van de Statenvertaling.

Zelf vind ik het mét de kanttekeningen een betrouwbare studiebijbel.
In ónze tijd geëvenaard door de Naardense Bijbel.
Maar om voor te lezen in de kerk of aan tafel is het toch raadzamer om een bijbelvertaling te gebruiken in de taal van onze tijd.

En dan het eeuwenlang vasthouden aan de psalmberijming van 1773 en ook weer typisch Nederlands:
het eerbiedigste is niet ritmisch zingen, hoe trager, hoe vromer.
Onbegrijpelijk: Calvijn liet de psalmen in Genève in een behoorlijk tempo zingen.

En in sommige kringen nog altijd de weigering om gezangen te zingen.
Inspireert de heilige Geest niet mee anno 2018?
Ik kan niet verkeren in een gemeente waarin ik Christus' werk alleen op verborgen wijze mag bezingen.

Waar komt toch de angst vandaan om het ánders te doen?

Wié heeft de opdracht gegeven om elke zondagmorgen de Tien Geboden voor te lezen?
Wié om in elke middagdienst een Geloofsbelijdenis voor te lezen?
Is het God geweest die de Statenvertaling heeft aangewezen?
Is Hij het die geboden heeft enkel Psalmen te zingen en het liefst niet ritmisch?
Is zwart Gods favoriete kleur?
Is God verheugd met weinig Avondmaalgangers?

Ik stel die vragen niet alleen aan jullie, maar ook aan mijzelf.
Waarom geloof ik wat ik geloof?
En waarom doen we in onze gemeente wat we doen?

O en die gezinsdienst afgelopen zondag in de gerestaureerde Nieuwe Kerk in Delft.
Kan die de toets der kritiek doorstaan?

Van pilaar tot pilaar waslijnen met kindertekeningen.
Feestslingers.
De dienst was grondig voorbereid door de Max Havelaarschool (basisonderwijs), leerkrachten, kinderen.
Ds. Arnold Vroomans heeft wekenlang kinderen geïnterviewd buiten de klas.
Alle kinderen hadden iets meegenomen wat voor hen kostbaar was.
Het thema: 'Wie is de koning en wat is een goede koning?'
We hebben een keur aan kinderliederen gezongen.
Vrolijk orgelspel begeleidde ons.
De predikant liep met een draadloze microfoon dwars door die enorme kerk heen om alles te bekijken wat de kinderen hadden meegenomen: stripboeken, zwemdiploma's en heel veel knuffels.
Kinderen lazen uit de Bijbel in Gewone Taal hoe Saul werd aangewezen tot koning door Samuël.
Hij werd gezalfd.
Alle kinderen kwamen naar voren.
En de predikant deed een beetje olijfolie op de hand van een meisje.
De pastoor van de Oud-Katholieke Kerk liet een eeuwenoud doosje zien aan de kinderen waarin de zalfolie die zij in hun kerk gebruiken bij de doop, bij gebed voor de zieken en alle kinderen mochten ruiken.
En de preek ging over Saul én God.
Wie was nu de beste koning?
Wat deed Saul voor het volk en wat doet God voor ons?
En dat God ons allemaal een kostbare parel vindt.
In eenvoudige taal.
Want de dominee had zijn preek voorgelezen aan zijn twee dochters en kreeg van zijn 7-jarige veel kritiek.
Hij wilde beginnen met:
Gemeente van onze Heer Jezus Christus.
Dat werd thuis direct afgekeurd.
Zijn dochtertje zei:
'Niemand begrijpt wat 'gemeente' is.
Alternatief was: 'Mensen die bij God willen horen'.
Een goed bezette kerk.
Heel veel kinderen.
Leerkrachten van de school.
Tot slot baden 3 kinderen voor de microfoon en zongen we het Onze Vader.
Ik vond het prachtig.
En samen met Izaak liep ik in de zon over de Markt in Delft en hebben we ergens wat gegeten en gedronken.
Een feest.
Zo'n zondag!

Het was blij, vreugdevol, feest.
Met zó'n Koning!


Peter Gerrets. (Emeritus Predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"

Gebruikersavatar
MoesTuin
Majoor
Majoor
Berichten: 2438
Lid geworden op: 02 feb 2014 16:00

Re: Hedendaagse meditaties

Berichtdoor MoesTuin » 08 jun 2018 21:16

Een lieve vriendin liet in haar reactie het woord 'Pinkstergemeente' vallen.
Verlang ik nu dat alle kerken Pinkstergemeenten worden?
En waar komt mijn enthousiasme voor de Persoon en het Werk van de heilige Geest vandaan?
Uit 'de traditionele kerk'.

Door mijn studie theologie aan het Bijbelinstituut België van de Belgische Evangelische Zending in de binnenstad van Brussel ontmoette ik docenten en studenten uit verschillende landen en van vele verschillende denominaties.
En daar ben ik tot op de dag van vandaag dankbaar voor: het niet in Nederland gestudeerd hebben.
Drie voertalen: Nederlands, Frans en Engels.
Studenten afkomstig uit Nederland, het Verenigd Koninkrijk, Vlaanderen, Wallonië, Frankrijk, Marokko.
En docenten uit allerlei landen.
Ik raakte bevriend met Christian Piette, afkomstig uit Ougrée (regio Luik), lid van de Église Réformée in Seraing.
Dus: een Franstalige Hervormde Kerk in de regio Luik.
God bracht hem op mijn weg.
Wij baden dagelijks voor een opwekking in België, in Frankrijk en om het tot elkaar komen van Nederlandssprekenden en Franssprekenden op ons opleidingsinstituut.
Want de taalstrijd was ook onder de studenten merkbaar.
Door Christian las ik veel opwekkingsliteratuur in het Frans, kwam ik met een zekere regelmaat lange weekends bij hem thuis en in contact met zijn predikant.
Ja, en de gesprekken dáár gingen over heel andere dingen dan met een dominee hier.
Na een hartelijke verwelkoming met drie kussen was één van de eerste dingen, die hij mij zei: 'Zoek aanhoudend biddend naar de vervulling met de heilige Geest, want zonder die Geest zul je als predikant mislukken'.
In bijna elke stad of dorp in Wallonië langs de Maas stond of staat een kerkgebouw van de Antoinisten (Père Antoine), een occulte secte.
Ds. Carl Ledune werd 's nachts voortdurend aangevallen door nachtmerries, lugubere dromen, demonen.
Hij merkte fysiek en geestelijk dat er een geestelijke strijd gaande was.
Zó was hij zich bewust geworden van demonische krachten en gaan verlangen naar hemelse toerusting.
De vervulling met de heilige Geest en naar gaven van de heilige Geest.
Op mijn opleiding werd de Pinksterbeweging besproken onder het kopje Sekten.
Door de jongerenvakantiekampen die vanuit Seraing georganiseerd werden en waar ik twee jaar 's zomers met mijn vriend Christian leiding gaf aan groepen heb ik met mijn eigen ogen gezien wat gebed en voorbede vermag.
De hele dag door werd er op vrijwillige basis gebeden in een gebedstent.
Nooit verliet een jongere onbekeerd het kamp.
Met zieken werd gebeden zoals beschreven in Jakobus 5.
Zelf ben ik er genezen van hoofdpijnaanvallen die ik nooit meer terug heb gehad.
Tijdens de kerkdiensten was er een gebedsteam aan het bidden in de kerk in Seraing.
Vier keer per jaar werd er één week een conferentie gehouden in de kerk met predikanten uit Frankrijk en Zwitserland.
Er kwamen velen tot bekering, er werden zieken genezen, mensen bevrijd van demonen.
Tijdens de kerkdiensten was er naast de ruimte voor samenzang van Psalmen en Gezangen, een indringende Woordverkondiging, alle ruimte voor vrij gebed, voorbede, het doorgeven van een woord van profetie.
Baby's werden er opgedragen.
Openbare geloofsbelijdenis legde je af, nadat je tot bekering was gekomen, door de doop door onderdompeling.

Ik ben daar in juni 1972 gedoopt.
Mij zijn de handen opgelegd voor de vervulling met de heilige Geest en die Geest kwam heerlijk over en in mij toen ik een middagdienst bijwoonde in de Hervormde Maranathakerk in Delft.

Alles wat ik geleerd heb over de Persoon en het Werk van de heilige Geest heb ik geleerd in de Belgische Hervormde Kerk.
Niet in de Pinkstergemeenten.

Natuurlijk bezocht ik wel diensten van de Volle Evangelie Gemeente in Brussel-Molenbeek o.l.v. Hans Koornstra.
Maar mijn verlangen werd de Heer dienen in de Belgische Hervormde Kerk of in de Protestantse Kerk in België.
Als ik samen met Christian preekte in deze kerken hebben we bijzondere geestelijke ervaringen beleefd.
Ik preekte in de provincie Luik, in de Borinage, in Noord-Frankrijk.
Gods Geest werkte met kracht.

Tot mijn verdriet ontving ik een beroep uit een Volle Evangelie Gemeente in Enschede, dat ik moest aannemen.
En 36 jaar bleef ik in Pinkster- en Evangelische Gemeenten.
Maar heb ook vaak mogen voorgaan in Hervormde en Gereformeerde, Baptisten of Vrij Evangelische Kerken.

Wat ik in Nederland mis?
De ruimte voor het werk van de heilige Geest.
En....absoluut neem me niet kwalijk de houding ten opzichte van de geloofsdoop.
Dit is in Nederland weer zo buitenproportioneel geworden.

In de Belgische- en Franse Hervormde Kerk is er ruimte om zuigelingen te besprenkelen en op volwassen leeftijd openbare geloofsbelijdenis af te leggen én om baby's op te dragen en na hun bekering door onderdompeling te dopen.

Ruimte!

En hier in Nederland gaan we er zo vreemd mee om.
Ik gebruik de termen kinderdoop of volwassendoop niet.
Het gaat om de besprenkeling van zuigelingen en de geloofsdoop.

Óns wordt verweten of wij worden beschuldigd van de enorme nadruk die wij leggen op de keuze van de gelovige om zijn of haar leven toe te vertrouwen aan God.
En dat wij uit zijn op het beleven van gevoelens en emoties, de fysieke doopervaring.

Ik ervaar dit verwijt als beledigend.

Er wordt in héél de Bijbel niet één baby of één kind besprenkeld.
Als moeders hun kinderen bij Jezus brengen: omarmt Jezus hen, legt hen de handen op en zegent hen.
Er komt geen druppel water aan te pas.
Daarom wordt in Evangelische-, Pinkster- en Baptistenkringen de pasgeborene opgedragen aan God en worden zij gezegend.
Vergeet ook niet dat er in Doopsgezinde Gemeenten geen baby's besprenkeld worden.

Ik heb respect voor ouders die hun kleinen laten dopen.
Maar er worden té grote woorden gesproken.
Zuigelingendopers zeggen: 'Kijk nu toch eens: onze baby weet nog van niets.
En God komt nu als Eerste in zijn of haar leven.
Door de doop wordt hij of zij opgenomen in het verbond van God met Abraham.
Hij of zij is nu een verbondskind.
Behoort bij het volk van God.
Er zijn verschillende gedachten: dit kind behoort bij God, de zonden zijn afgewassen, is wedergeboren tot het tegendeel blijkt.
Of er wordt een ander formulier gelezen waaruit blijkt dat het kind is opgenomen in het genadeverbond met
Christus.

En inderdaad het kind heeft geen keuze gemaakt.
Dat hebben de ouders gedaan..

Bij de Israëlieten was de besnijdenis van de jongetjes op de 8e dag het inwijdingsritueel om tot het verbond toe te treden.
In het N.T. wordt ons gelovigen-uit-de-heidenen geen inwijdingsritueel voorgeschreven hoe onze kinderen deel uitmaken van het verbond.

Dan heb ik dringende vragen:

Waarom 'besprenkelen' we nu jongetjes én meisjes?

Als onze gedoopte kinderen bij het verbond behoren waarom mogen onze kinderen dan niet deelnemen aan het Heilig Avondmaal?

Waarom willen wij dan toch uit hun mond een 'jawoord' horen vóór de hele gemeente én krijgen ze daarna toestemming om deel te nemen aan het Heilig Avondmaal?
Dus toch een eigen beslissing, keuze, ervaring van handoplegging?

De Nieuw-Testamentische volgorde is: bekering tot vergeving van zonden en de doop door onderdompeling als openbare geloofsbelijdenis.

Ik wil hier niemand beledigen, aan het twijfelen brengen.
Ik respecteer de overtuiging van ieder.

Waarom gebruiken we hier dat verschrikkelijke woord 'overdopen'?
Johannes riep tot besnedenen: Bekeert u en laat u dopen?
Waarom corrigeerde Jezus hem niet?
Jezus is besneden en opgedragen én laat zich dopen?
Waarom doopt Paulus in Efeze de leerlingen van Johannes?
Dat was nu eens een echte overdoop.

Dus nee: ik heb Bijbelse waarheden over de Persoon en het Werk van de heilige Geest, de kracht van het gebed, de ziekenzalving en de doop geleerd, ondergaan, ervaren binnen een Hervormde Gemeente waar ruimte was en verlangd werd naar de heilige Geest.

Ik heb me nooit tegen de zogenaamde traditionele kerken afgezet én binnen de Pinkstergemeenten heb ik ook genoeg dwalingen gezien en benoemd.

Maar Nederland en de Nederlandse gelovigen hebben écht de heilige Geest nodig om Christus te verheerlijken en Zijn getuigen te zijn.


P Gerrets (emeritus predikant)
want wij hebben hier geen blijvende stad
maar zoeken de toekomende

De Heere Jezus zegt;
"Wie in Mij gelooft zal Hét Eeuwige Leven ontvangen"


Terug naar “[Religie] - Geloof & Leven”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast